U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

3 manieren waarop de EU corona financieel aanpakt

20 maart 2020 - door Maarten Libeer

Het coronavirus heeft een grote invloed op de economie van de Europese Unie. Om de economische gevolgen zo veel mogelijk in te perken en ervoor te zorgen dat bedrijven en banken overeind blijven, worden de volgende zaken ingezet: 

  • Stimulus van de Europese Centrale Bank (ECB)
  • Inzetten van Europese budgetten en garanties
  • Maximale flexibiliteit voor nationale budgetten

Blijf op de hoogte via de site van de Europese Commissie.

Lees hier de volledige communicatie over de gecoördineerde economische respons.

3 manieren waarop de EU corona financieel aanpakt

1. ECB stimulus

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft woensdagavond 18 maart de grote middelen bovengehaald door een nieuwe grootschalige monetaire operatie aan te kondigen. Dit voor een bedrag van €750 miljard, wat groter is dan de inspanning die in 2012 tijdens de staatsschuldcrisis in de eurozone is geleverd.

Deze grootschalige operatie, genaamd de Pandemic Emergency Purchase Program (PEPP), bestaat uit het opstarten van een nieuw tijdelijk programma voor de aankoop van particuliere en overheidsobligaties om de ernstige risico's voor het transmissiemechanisme van het monetaire beleid en de vooruitzichten voor de eurozone als gevolg van de uitbraak en de escalerende verspreiding van het coronavirus, COVID-19, tegen te gaan. De aankopen zullen tot eind 2020 worden uitgevoerd

De ECB zal ervoor zorgen dat alle sectoren van de economie kunnen profiteren van ondersteunende financieringsvoorwaarden die hen in staat stellen deze schok op te vangen. Dit geldt evenzeer voor gezinnen, bedrijven, banken en regeringen. De samenstelling en duur van de interventie kan verder aangepast worden aan de ontwikkelingen.

De bedoeling hiervan is om de financiële markten te overtuigen dat de eurozone niet uit elkaar zal vallen door de lange termijn rentes van de verschillende eurolanden zo dicht mogelijk bij elkaar te houden. 

Lees het volledige besluit hier.

2. Inzetten van Europese budgetten en garanties
 

1. Cohesiebeleid : CRRI

De Europese Commissie stelde op 13 maart al een Coronavirus Response Investment Initiative’ (CRII) van €37 miljard voor. Dat geld moet dienen voor investeringen in de gezondheidszorg (aankoop van materiaal), ondersteuning van KMO’s en de arbeidsmarkt in het algemeen. De Commissie wil dat de mede-wetgevers dit voorstel snel aannemen. Het werd binnen de Raad al op ambassadeursniveau afgeklopt. Ook het Europees Parlement neemt het snel onder de loep.

Het initiatief wordt gefinancierd door ‘slapende middelen’ uit het Cohesiebeleid. De Commissie stelt voor om de niet-uitgegeven pre-financiering van EFRO, het Cohesiefonds, ESF en het EFMZV voor 2019 niet terug te vorderen. Het gaat dus om middelen die al aan de lidstaten werden toegewezen, maar eigenlijk niet gebruikt werden. De Commissie vraagt dus geen extra bijdragen van de lidstaten.

Een belangrijk element van het voorstel is dat alle potentiële uitgaven voor de bestrijding van de COVID-19-uitbraak vanaf 1 februari 2020 in aanmerking komen voor financiering uit de structuurfondsen, zodat de lidstaten de middelen voor de bestrijding van de uitbraak zo snel mogelijk kunnen besteden. Bovendien stelt de Commissie voor om het mogelijk te maken dat aanzienlijke bedragen binnen de programma's op een vereenvoudigde manier worden overgeheveld.

In België gaat het om een bedrag van ongeveer €34 miljoen. Omdat Wallonië meer middelen uit de structuurfondsen haalt dan Vlaanderen, ontvangt Wallonië ook meer middelen  uit dit initatief.

Om hieraan tegemoet te komen volgt er een tweede pakket. Daarin zouden er minder voorwaarden zijn wat betreft thematische concentratie, de mate van cofinanciering en - belangrijk voor Vlaanderen - meer flexibiliteit wat betreft de verdeling tussen regio’s, etc.

  • Lees hier het voorstel van de Commissie
  • Lees hier de brief van de Commissie aan België

 

2. Steun voor bedrijven, sectoren en regio's: het voorzien van liquiditeit

De komende weken zal 1 miljard euro uit de EU-begroting ter beschikking worden gesteld als garantie voor het Europees Investeringsfonds (EIF) om ongeveer 8 miljard euro aan werkkapitaalfinanciering te ondersteunen en ten minste 100 000 Europese KMO's en kleine mid-caps te helpen.

De steun zal worden gekanaliseerd via de bestaande instrumenten van de EIF-programma's ter ondersteuning van investeringen.

Met name de leninggaranties in het kader van COSME - het EU-programma voor het concurrentievermogen van kleine en middelgrote ondernemingen - zullen worden versterkt, samen met de mkb-garanties van InnovFin in het kader van het Horizon 2020-programma, zodat banken toegang bieden tot overbruggingsfinanciering voor micro-ondernemingen, het mkb en kleine mid-caps.

Deze instrumenten zullen de komende weken met 750 miljoen euro worden versterkt via het Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI). Daarnaast zal het EFSI het EIF nog eens 250 miljoen euro ter beschikking stellen om in samenwerking met de nationale stimuleringsbanken en -instellingen van de EU snel steun te verlenen aan het mkb.

Lees meer hier. 
 

3. Andere budgetten

De Commissie stelt voor om het toepassingsgebied van het Solidariteitsfonds van de EU uit te breiden door ook een volksgezondheidscrisis in het toepassingsgebied ervan op te nemen, zodat het fonds kan worden ingezet als dat nodig is voor de zwaarst getroffen lidstaten. In 2020 is maximaal 800 miljoen euro beschikbaar.

Het Europees Fonds voor aanpassing aan de Globalisering beschikt over 175 miljoen euro om steun te verlenen aan ontslagen werknemers en zelfstandigen.

3. Maximale flexibiliteit voor nationale budgetten

1. Aanpassing fiscale regels

Ook binnen het Stabiliteits- en Groeipact wordt er rekening gehouden met de crisis. De aangekondigde review van de Europese budgettaire regels wordt uitgesteld. De Commissie wil daarentegen volop gebruik maken van de flexibiliteit van het huidig Stabiliteits- en Groeipact. Zo hebben alle lidstaten de mogelijkheid om de nodige uitgaven doen in hun strijd tegen COVID-19.
 
Zo bestaat er binnen de preventieve arm van het SGP de unusual events’-clausule. Die biedt de lidstaten de mogelijkheid om eenmalig uitgaven te doen die niet meegenomen worden in de berekeningen van de overheidsfinanciën. Het kan gaan om aankoop van medisch materiaal, vergroting van ziekenhuiscapaciteit, het lanceren van informatiecampagnes, etc. Ook nationale maatregelen die de liquiditeit van getroffen bedrijven moeten ondersteunen kunnen buiten beschouwing gelaten worden.
 
Ook de correctieve arm van het pact voorziet in enige flexibiliteit. De aanbevelingen van de Commissie voor landen met een overheidstekort boven 3% van het BBP komen voorlopig te vervallen.

2. Staatssteunregels 

In de tijdelijke kaderregeling inzake staatssteun ter ondersteuning van de economie in het kader van de uitbraak van COVID-19, wordt erkend dat de gehele economie van de EU met een ernstige verstoring te kampen heeft. Om dit te verhelpen voorziet de tijdelijke kaderregeling in vijf soorten steun:

  • Directe subsidies, selectieve belastingvoordelen en voorschotten: De lidstaten zullen regelingen kunnen opzetten om tot 800 000 EUR aan een onderneming toe te kennen om aan haar dringende liquiditeitsbehoeften te voldoen.
     
  • Staatsgaranties voor leningen die ondernemingen bij banken aangaan: De lidstaten zullen staatsgaranties kunnen verstrekken om ervoor te zorgen dat de banken leningen blijven verstrekken aan de klanten die deze nodig hebben.
     
  • Gesubsidieerde overheidsleningen aan bedrijven: De lidstaten zullen leningen met gunstige rentevoeten kunnen verstrekken aan bedrijven. Deze leningen kunnen bedrijven helpen om de onmiddellijke behoefte aan werkkapitaal en investeringen te dekken.
     
  • Vrijwaringsmaatregelen voor banken die staatssteun aan de reële economie kanaliseren: Sommige lidstaten zijn van plan voort te bouwen op de bestaande kredietverleningscapaciteit van de banken en deze te gebruiken als kanaal voor steun aan bedrijven - met name aan kleine en middelgrote ondernemingen. De kaderregeling maakt duidelijk dat dergelijke steun wordt beschouwd als rechtstreekse steun aan de klanten van de banken, niet aan de banken zelf, en geeft aanwijzingen over hoe de concurrentie tussen banken zo min mogelijk kan worden verstoord.
     
  • Kortlopende exportkredietverzekering: De kaderregeling voert extra flexibiliteit in om aan te tonen dat bepaalde landen geen verhandelbare risico's inhouden, zodat de staat waar nodig een kortlopende exportkredietverzekering kan aanbieden.

Gezien de beperkte omvang van de EU-begroting zal de belangrijkste reactie afkomstig zijn uit de nationale begrotingen van de lidstaten. Het tijdelijke steunkader zal ertoe bijdragen dat de steun aan de economie doelgericht wordt verleend, terwijl de negatieve gevolgen voor het gelijke speelveld op de interne markt worden beperkt.

De kaderregeling zal tot eind december 2020 van kracht zijn. 

Alle informatie is hier te vinden. 

Maak een account aan

Volg ons