U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

H2020 - An empirically informed European theory of justice and fairness (REV-INEQUAL-01-2016)

Deadline

Doelstellingen

Specific Challenge:

The ongoing financial, economic and social crises in Europe have brought the issue of rising inequalities to the fore. Whilst increases in inequalities vary between (Member) States and have evolved at different speeds at different times, it is clear that inequalities have been on the rise generally over the last three decades, both in Europe and globally. There is increasing evidence and awareness that rising inequalities have both contributed to the crises and been a consequence of them. The spatiality of institutions and the socio-economic context have contributed to the financial crises differently, while banking systems – e. g. decentralized versus centralised systems – have also played a major role. Despite evidence showing that more equal societies fare better on core quality of life indicators, there continue to be differences in perceptions of inequality. It is therefore high time to address, and possibly reappraise, the concepts and realities of equality, justice and fairness at a fundamental level, both normatively and empirically. The specific challenge is to formulate a theory of justice and fairness which is normatively sound, reflective of European values and at the same time rests on solid empirical ground with regard to citizens' attitudes and views.

Scope:

The research to address this challenge should in particular focus on the following key dimensions. It is expected to either comprehensively address one of these dimensions or to combine them. The research may also cover other issues relevant for addressing the specific challenge.

1) Towards a European Theory of Justice and Fairness

Research should take stock of and, if necessary, issue with past and existing theories of justice with a view to constructing a, possibly specifically European, theory which is in tune with European values and reflective of the achievements and shortcomings of the European integration process. In particular, such conceptualisations should adopt a historical and philosophical perspective in various European countries and consider not only how conceptions of justice and fairness have evolved and developed in European politics, societies, cultures and economies, but also whether novel, alternative conceptions of justice fairness are called for and conducive to reinvigorating democracy. Such attempts should take into account the growing sense of exclusion and marginalisation felt inter alia by ethnic and religious minorities. Apart from (re)distributive approaches and rights, other resources for building just and fair societies such as the significance of recognition in society and of individual and collective capabilities and the practice of the rule of law should also be considered. Research may ponder 'post-secular' approaches to democracy and justice. The meaning of 'equal opportunities' should be normatively reassessed and substantiated. Whilst the focus of the research should lie on theory building and development, the ambition of the theory should also be to serve as an inspiration and reference point for policies designed to reverse inequalities. The research should take into account the international and third countries perspectives.

2) How Europeans perceive, experience, relate to and contest inequalities

Building on existing data, including projects financed by the European Union, in particular the European Social Survey, research should conduct comprehensive empirical, quantitative and qualitative investigations on the scale of inequalities accepted and acceptable to Europeans as well as the psychological processes leading to the perception of inequalities and innovative methods for studying these phenomena. This should encompass the attitudes regarding inequalities at least in relation to debt, wealth, income, access to financial services and to the labour market, education, age, gender and health. The study should cover a representative range of EU countries. If justified, non-European countries may also be covered, especially with a view to comparing them with European perceptions. The central questions that should be addressed are how much inequality people accept, find appropriate or perhaps regard as beneficial and why. Evidence on people's attitudes should be set into relation to their real-life experience with inequalities. Research should also explore attitudes about the precept of 'equality of opportunities' versus 'equality of outcomes'. How do people understand these notions? What expectations do people harbour about it? Apart from drawing on survey data, research should gather new data, in particular in the field of psychology, to explore preferences for redistribution and related questions. Current and previous policies aiming at redressing inequalities should be critically assessed in the light of the findings of the research. Research should combine quantitative and qualitative methods.

The Commission considers that proposals requesting a contribution from the EU in the order of EUR 2.5 million for each dimension would allow this specific challenge to be addressed appropriately. This does not preclude submission and selection of proposals requesting other amounts.

Expected Impact:

Research under this topic is expected to provide comprehensive data and analysis on the extent to which inequalities are regarded as acceptable across a range of dimensions and Member States. Research will lead to a greater understanding and reassessment of the notions of justice and fairness and should aspire to formulate a European theory of justice which is conducive to providing political guidance for the political challenge of reversing inequalities. In particular, research is envisaged to considerably enhance and deepen the knowledge base on the foundations of the concepts of justice and fairness. Research should inform policy makers at various levels on how to implement policies.

Budget

2016: 37,5 miljoen (indicatief)

Begunstigden

Research & innovation actions (RIA): At least three legal entities. Each of the three must be established in a different EU Member State or Horizon 2020 associated country. All three legal entities must be independent of each other.

Meer info: zie de General Annexes bij het Horizon 2020 werkprogramma 2016-2017

Jouw VLEVA-contact voor dit thema

Maak een account aan

Horizon2020

Inleiding

Horizon 2020 is het  Europese onderzoeks- en innovatieprogramma. Het is het grootste programma van de Europese Unie. Het bestaat uit drie pijlers: Wetenschap op topniveau, industrieel leiderschap en maatschappelijke uitdagingen.

Eerste pijler: Wetenschap op topniveau

De eerste pijler is grotendeels bottom-up en bestaat uit vier onderdelen: Europese onderzoeksraad, toekomstige en opkomende technologieën, Marie Skłodowska-Curie Actions en onderzoeksinfrastructuur.

De vier onderdelen van de eerste pijler zijn:

  • Europese Onderzoeksraad (ERC): subsidies voor talentvolle en creatieve individuele onderzoekers en/of hun team om grensverleggend onderzoek te doen. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. De combinatie van verschillende domeinen is essentieel. Alle nationaliteiten komen in aanmerking, maar het onderzoek moet wel in een van de lidstaten, kandidaat-lidstaten of geassocieerde landen plaatsvinden.
  • Toekomstige en opkomende technologieën (FET): onderzoek binnen deze actie is gericht op het ontdekken van nieuwe technologieën door het combineren van verschillende onderzoeksdomeinen. De kennisbasis van de EU wordt ingezet om de EU competitiever te maken op wereldschaal én om van de EU een voorloper te maken in nieuwe, revolutionaire technieken.  
  1. FET Open: ondersteunt vroege-fase-onderzoek van een idee voor een nieuwe technologie. Er zijn geen vooraf gedefinieerde thema's. Het moedigt wetenschappers en ingenieurs uit meerdere disciplines aan om samen te werken.
  2. FET Proactive: ondersteunt nieuwe onderzoeksgemeenschappen om samen te werken aan multidisciplinair onderzoek op zoek naar nieuwe technologieën.
  3. FET flagships: visionaire, door wetenschap gedreven en grootschalige onderzoeksinitiatieven op lange termijn. Ze brengen excellente onderzoeksteams samen, over verschillende disciplinegrenzen heen, die een ambitieus stappenplan opzetten om hun onderzoeksdoel te bereiken.
  • Marie Skłodowska-Curie Actions (MSCA): de nadruk ligt op mobiliteit, carrièreontwikkeling en opleidingen van onderzoekers. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. MSCA ondersteunt verschillende mogelijkheden voor (wereldwijde) uitwisseling van onderzoekers en ondersteunend personeel in dezelfde sector of tussen verschillende sectoren. Centraal staat het uitbouwen van competenties of projecten waarbij trainingen worden aangeboden aan doctorandi voor het uitbouwen van een succesvolle carrière.
  • Onderzoeksinfrastructuur (RI): ontwikkeling, onderhoud en gebruik van pan-Europese onderzoeksinfrastructuren. Er zijn mogelijkheden voor opleidingen en uitwisseling van personeel en onderzoekers voor het gebruiken en onderhouden van de infrastructuur. Coördinatie van het gebruik van deze infrastructuren tussen de verschillende lidstaten staat hoog op de prioriteitenlijst.

Tweede pijler: Industrieel leiderschap

De drie onderdelen van deze pijler zijn:

  • Leiderschap opbouwen in ontsluitende en industriële technologieën (LEIT): nadruk op industrie, het toepassen van nieuwe technologieën voor innovatie. Er wordt ingezet op het betrekken van private partners bij het onderzoek, in het bijzonder de kmo's. Er zijn drie onderdelen:
    • Voor ICT wordt de nadruk gelegd op het omgaan met de complexe technologie en daarnaast het sneller op de markt brengen van nieuwe systemen.
    • Cruciale ontsluitende technologieën (KET’s): nanotechnologie, geavanceerde materialen, geavanceerde fabricage en verwerking, en biotechnologie. Dat zijn sleuteltechnologieën die de komende jaren in verschillende toepassingen en sectoren kunnen worden ingezet.
    • Bij ruimteonderzoek (Space) ligt de focus op innovatieve ruimtetechnologieën en operationele concepten ‘van idee tot demonstratie in de ruimte’, en op het gebruiken van ruimtedata voor wetenschappelijke, publieke of commerciële doeleinden.
  • Toegang tot risicokapitaal (Access to Risk Finance): dit onderdeel helpt de toegang tot leningen, garanties, contragaranties, en hybride, mezzanine- en aandelenfinanciering voor bedrijven en organisaties betrokken in onderzoek.  
  • Innovatie in kmo’s (SME Instrument): het verstrekken van zowel directe als indirecte financiële steun om hun innovatievermogen te vergroten. Kmo’s maken gebruik van een specifieke procedure voor het aanvragen van subsidies. Organisaties zonder winstoogmerk kunnen alleen deelnemen als onderaannemer.

Derde pijler: Maatschappelijke uitdagingen

De derde pijler focust op maatschappelijke uitdagingen en bestaat uit zeven onderdelen:

  • Gezondheid, demografische veranderingen en welzijn: de gezondheid en het welzijn gedurende het hele leven verbeteren voor iedereen en nieuwe middelen en modellen voor zorgverlening en gezondheidszorg creëren.
  • Voedselzekerheid, duurzame landbouw, maritiem onderzoek en bio-economie: voldoende voorraad garanderen en veilig voedsel produceren met respect voor het ecosysteem. Daarnaast wil men een boost geven aan producten van biologische afkomst.
  • Veilige, schone en efficiënte energie: verminderen van het energieverbruik, verminderen van de kosten voor groene energie, alternatieve brandstoffen en mobiele energiebronnen, realiseren van een uniform Europees elektriciteitsnet, nieuwe kennis en technologieën, goede besluitvorming en betrokkenheid van het publiek en de markt.
  • Intelligent, groen en geïntegreerd transport: een milieuvriendelijk, veilig en aaneensluitend transportsysteem opzetten dat efficiënt gebruikmaakt van grondstoffen; nadruk op veiliger verkeer met minder files; van de EU een wereldspeler maken op het vlak van transportindustrie; socio-economisch onderzoek en gedragsonderzoek met het oog op het maken van beleidsaanbevelingen.
  • Klimaatactie, efficiënt gebruik van energie en grondstoffen: een economie creëren die efficiënt omgaat met energie en water, die de schokken van de klimaatveranderingen opvangt en die een duurzame toegang heeft tot grondstoffen.
  • Werken aan een inclusieve, reflectieve en innovatieve maatschappij: aanpakken van sociale uitsluiting, discriminatie en diverse vormen van ongelijkheid; nieuwe innovatievormen verkennen en het versterken van de wetenschappelijke basis voor de Innovatie-Unie, de Europese onderzoeksruimte en ander EU-beleid. Horizon 2020 moedigt samenwerking met landen buiten de EU aan en er is aandacht voor herdenkingen, identiteit, tolerantie en cultureel erfgoed.
  • Veilige maatschappijen: crisisbeheer voor allerlei rampen, met speciale aandacht voor de communicatie en voor de bescherming van cruciale infrastructuur; de strijd tegen terrorisme en andere vormen van criminaliteit; beschermen van de buitengrenzen van de EU door betere controlesystemen, maar ook door acties in landen buiten de EU, zoals conflictpreventie en vredesopbouw.

Budget

  • Pijler 1: Het luik wetenschap op topniveau bedraagt 24,4 miljard euro. Het is één van de weinige programma’s waar je tot 100% financiering kan krijgen!
  • Pijler 2: Het budget voor de tweede pijler is 17 miljard euro. Cofinancieringspercentage kan tot 100 procent, voor innovatieve projecten die zich dicht bij de markt bevinden, is er een plafond van 70 procent (niet voor non-profit).
  • Pijler 3: Dit luik van het Horizon 2020 programma bedraagt 29,7 miljard euro. Cofinancieringspercentage kan tot 100 procent, voor innovatieve projecten die zich dicht bij de markt bevinden is er een plafond van 70 procent.

Begunstigden

Wie maakt kans op subsidies uit Horizon 2020?

  • Alle juridische entiteiten.

Welke landen komen in aanmerking voor subsidies uit Horizon 2020?

  • EU-lidstaten.

Ook niet-EU-landen komen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking. Kijk voor meer informatie op http://ec.europa.eu/research/participants/docs/h2020-funding-guide/cross-cutting-issues/international-cooperation_en.htm

Info & contact

Vlaams contactpunt: www.ncpflanders.be

Lees meer
Volg ons