Home > Transport > Eu nieuws >

Raad Transport: vooruitgang in sociale aspecten mobiliteitspakket, gecombineerd vervoer en andere dossiers

06 december 2018 - door Simon De Wachter

Tijdens de Transportraad van 3 december hebben de Europese ministers voor vervoer hun gezamenlijk standpunt bepaald over een heleboel wetgevende initiatieven. Zo kwamen ze onder andere tot een akkoord over de sociale aspecten van het eerste mobiliteitspakket, gecombineerd vervoer, het toekomstige CEF-programma en het Europees maritiem éénloketsysteem.
 

Raad Transport: vooruitgang in sociale aspecten mobiliteitspakket, gecombineerd vervoer en andere dossiers

Sociale aspecten mobiliteitspakket

In de aanloop van de Raad was het nog koffiedik kijken of de ministers een akkoord zouden vinden over de sociale kwesties die voorgesteld zijn in het kader van het eerste mobiliteitspakket. De richtlijnen met betrekking tot detachering van chauffeurs, cabotage, rij- en rusttijden en tachografen liggen al sinds juni 2017 op de onderhandelingstafel. De West-Europese lidstaten (de Road Alliance) enerzijds en Centraal- Oost- en perifere Europese landen anderzijds stonden lange tijd recht tegenover elkaar, aangezien ze respectievelijk voorstander waren van een betere harmonisering van de regels en meer liberalisering.

Het Oostenrijkse voorzitterschap slaagde er nu toch in om een algemene oriëntatie te laten goedkeuren door de lidstaten. De belangrijkste gevolgen: 

  • Bilaterale transportopdrachten die vertrekken vanuit het land waar de chauffeur is tewerkgesteld, worden uitgezonderd van de detacheringsregels. Op de weg naar of op de weg terug van de bestemming is één activiteit van laden of lossen toegestaan in beide richtingen of twee activiteiten op de weg terug, die niet onder de detacheringsregels vallen. Transit is dus ook uitgezonderd. Voor alle andere opdrachten gelden de detacheringsregels wel, vanaf de eerste dag.
  • Wat cabotage betreft, houdt de Raad vast aan de huidige regels: maximaal drie opdrachten in een periode van zeven dagen zijn toegelaten. Na deze zeven dagen zal een “cooling off”-periode van 5 dagen ingaan, waarin geen cabotage-opdrachten ondernomen mogen worden in hetzelfde land door hetzelfde voertuig. 
  • Chauffeurs moeten 90 uur rust nemen in een periode van twee weken. De reguliere wekelijkse rustperiodes (45 uur of meer) moeten buiten de cabine opgenomen worden. De opdrachtgever moet daarnaast het schema van de chauffeur zo organiseren dat hij minstens om de vier weken naar huis of de plaats van tewerkstelling kan terugkeren, of om de drie weken wanneer de chauffeur ervoor kiest om twee gereduceerde wekelijkse rustperiodes op te nemen.
  • De tweede generatie van slimme tachografen moet geïnstalleerd zijn in alle voertuigen die internationale vervoersopdrachten uitvoeren tegen 2024.

De bal ligt nu in het kamp van het Europees Parlement, dat over deze dossiers nog geen akkoord heeft bereikt. Een stemming in de TRAN commissie is gepland op 10 januari. In de plenaire vergadering zal er naar verwachting tussen 14 en 17 januari gestemd worden.

Klik hier voor het persbericht van de Raad.

Gecombineerd vervoer 

De herziening van de richtlijn voor gecombineerd vervoer werd door de Europese Commissie voorgesteld in het kader van het tweede mobiliteitspakket in november 2017. De Raad had moeite om tot een gezamenlijk standpunt te komen, aangezien de richtlijn gecombineerd vervoer sterk afhankelijk was van het dossier rond cabotage.

In de algemene oriëntatie heeft de Raad beslist om de lidstaten toe te laten om bepaalde beperkingen op cabotage op te leggen bij gecombineerde vervoersopdrachten, meer bepaald een beperking van vijf dagen voor cabotage-opdrachten nadat een voertuig het nationaal grondgebied heeft betreden. De wachtperiode hierna bedraagt zeven dagen.

De TRAN commissie van het Europees Parlement heeft ook zijn standpunt ingenomen over gecombineerd vervoer, maar dit moet nog goedkeuring krijgen van de plenaire vergadering. Daarna kunnen trilogen van start gaan.

Klik hier voor het persbericht van de Raad.

Connecting Europe Facility

Verder heeft de Raad een partiële algemene oriëntatie goedgekeurd over het CEF-programma voor de periode 2021-2027. Dit programma investeert in projecten op vlak van transport, energie en digitalisering. Over het budget en horizontale acties is nog niet beslist, aangezien dit afhankelijk is van de onderhandelingen van het volledige MFK. 

Wat transport betreft, focust het programma op veilige mobiliteit, slimme infrastructuur, grensoverschrijdende projecten en missing links. Ook hierover kunnen de onderhandelingen met het Europees Parlement van start gaan. 

Klik hier voor het persbericht van de Raad.

Maritiem éénloketsysteem

Binnen het derde mobiliteitspakket heeft de Europese Commissie een voorstel gelanceerd voor een maritiem éénloketsysteem, om de meldingsformaliteiten van de Europese havens te integreren onder één systeem. De bedoeling van het maritiem éénloketsysteem is om de bestaande nationale systemen te coördineren en te harmoniseren. Hierdoor moet de interoperabiliteit verbeteren, waardoor het gemakkelijker wordt om data te delen en te hergebruiken.

De Raad heeft hierover nu een algemene oriëntatie aangenomen. Binnen het Europees Parlement is er nog geen standpunt hierover, rapporteur Deirdre Clune heeft hierover haar ontwerpverslag reeds gepresenteerd. Een stemming in de TRAN commissie zal op 10 januari plaatsvinden.

Klik hier voor het persbericht van de Raad.

Andere dossiers

Verder heeft de Raad algemene oriëntaties aangenomen over het beheer van de veiligheid van de weginfrastructuur en gestroomlijnde regels over de opleiding van zeevaarders. Ook hebben ze een raadsconclusie aangenomen over vervoer over de binnenwateren.

Klik hier voor een overzicht van de resultaten van de Raad Transport van 3 december. 
 

Jouw VLEVA contact voor dit thema

Maak een account aan

Volg ons