H2020 - Innovative Training Networks

Deadline

Inleiding

De Innovative Training Networks ondersteunen competitief geselecteerde gezamenlijke onderzoeksopleidingen en / of doctoraatsprogramma's, uitgevoerd door partnerschappen van universiteiten, onderzoeksinstellingen, onderzoeksinfrastructuren, bedrijven, kmo's en andere sociaaleconomische actoren uit verschillende landen in Europa en daarbuiten.

Partnerschappen nemen de vorm aan van samenwerkende Europese opleidingsnetwerken (ETN), Europese industriële doctoraten (EID) of Europese gezamenlijke doctoraten (EJD).

Doelstellingen

De Innovative Training Networks (ITN) zijn bedoeld om een nieuwe generatie van creatieve, ondernemende en innovatieve beginnende onderzoekers te trainen, in staat om huidige en toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden en om kennis en ideeën om te zetten in producten en diensten voor economisch en sociaal welzijn.

ITN zal excellentie bevorderen en onderzoeks- en doctoraatstraining in Europa structureren, de traditionele academische onderzoeksopleidingen uitbreiden, elementen van Open Science integreren en onderzoekers voorzien van de juiste combinatie van onderzoeksgerelateerde en overdraagbare competenties. Het biedt verbeterde loopbaanperspectieven in zowel de academische als niet-academische sectoren door middel van internationale, interdisciplinaire en intersectorale mobiliteit in combinatie met een innovatiegerichte instelling.

Budget

  • MSCA-ITN-2019 - MSCA-ITN-ETN European Training Networks: 400 000 000 euro
  • MSCA-ITN-2019 - MSCA-ITN-EJD European Joint Doctorates: 35 000 000 euro
  • MSCA-ITN-2019 - MSCA-ITN-EID European Industrial Doctorates: 35 000 000 euro

 

 

Begunstigden

Voor ITN European Training Networks (ETN) en ITN European Joint Doctorates(EJD): het consortium moet bestaan ​​uit ten minste drie begunstigden gevestigd in drie verschillende EU-lidstaten of geassocieerde landen van Horizon 2020. Alle drie de juridische entiteiten moeten onafhankelijk van elkaar zijn.

Om de doelstellingen van EJD te bereiken, moeten ten minste drie begunstigden het recht hebben om een ​​doctorstitel te verlenen. Een begunstigde uit de academische sector, die het recht van het verlenen van een doctoraat heeft overgedragen aan een consortium / groepering van academische / onderzoeksinstellingen waartoe het behoort, komt ook in aanmerking. Brieven van toezegging om de gezamenlijke, dubbele of meervoudige doctorstitels toe te kennen, moeten in het voorstel worden opgenomen. Ten minste twee derde van de ondersteunde beginnende onderzoekers binnen een EJD moeten zijn ingeschreven in een gezamenlijke, dubbele of meervoudige graad binnen Europa, d.w.z. tussen twee of meer begunstigden / partnerorganisaties die zijn gevestigd in EU-lidstaten of Horizon 2020 geassocieerde landen. De overgebleven ondersteunde onderzoekers moeten ook zijn ingeschreven in een programma dat resulteert in een gezamenlijke, dubbele of meervoudige graad toegekend door ten minste één Europese deelnemende organisatie. Aanvragers moeten op voorstelniveau vermelden van welke instelling (en) een onderzoeker geacht wordt de graad(en) te ontvangen.

Voor ITN European Industrial Doctorates (EID): het consortium moet bestaan ​​uit ten minste twee onafhankelijke begunstigden die zijn gevestigd in twee verschillende EU-lidstaten of Horizon 2020 geassocieerde landen.

Gezien de aard van EID, moet ten minste één begunstigde afkomstig zijn uit de academische sector en moet ten minste één begunstigde afkomstig zijn uit de niet-academische sector, voornamelijk ondernemingen. Indien geen van de academische begunstigden een doctoraat mag behalen, moet een universiteit of een consortium / groepering van academische / onderzoeksinstellingen die gerechtigd zijn om een ​​doctoraat te verlenen aan het project worden geassocieerd als een partnerorganisatie of als een entiteit met een kapitaal of juridische link.

Voor alle ITN's: alle begunstigden zijn verplicht om in hun gebouwen te hosten en om gerekruteerde onderzoekers te begeleiden, of om entiteiten te gebruiken met een juridische of kapitaallink om hen te hosten en te begeleiden. Voor ETN moeten alle begunstigden ten minste één onderzoeker rekruteren. Voor EID en EJD kunnen onderzoekers ofwel door een begunstigde worden aangeworven en voor de in bijlage 1 vastgestelde tijd naar de andere begunstigden, partnerorganisaties of entiteiten met een juridische of kapitaallink worden gestuurd, of kunnen ze door elke begunstigde afzonderlijk worden aangeworven voor de periode van de tijd die ze daar doorbrengen.

De totale EU-bijdrage voor ITN-acties is beperkt tot een maximum van 540 persoonsmaanden. Voor EID met slechts twee begunstigden is deze limiet ingesteld op 180 persoonstermen.

Niet meer dan 40,0% van de aangevraagde EU-bijdrage kan worden toegewezen aan begunstigden in hetzelfde land of aan een internationale internationale belangenorganisatie of internationale organisatie (behalve voor EID met slechts twee begunstigden).

Info & contact

MSCA Work Programme 2018-2020

Participant Portal

Voor meer informatie, kan u contact opnemen met Margot Beereboom (margot.beereboom@fwo.be) van NCP Flanders.

Jouw VLEVA contact voor dit thema

Maak een account aan

Horizon2020

Inleiding

Horizon 2020 is het  Europese onderzoeks- en innovatieprogramma. Het is het grootste programma van de Europese Unie. Het bestaat uit drie pijlers: Wetenschap op topniveau, industrieel leiderschap en maatschappelijke uitdagingen.

Eerste pijler: Wetenschap op topniveau

De eerste pijler is grotendeels bottom-up en bestaat uit vier onderdelen: Europese onderzoeksraad, toekomstige en opkomende technologieën, Marie Skłodowska-Curie Actions en onderzoeksinfrastructuur.

De vier onderdelen van de eerste pijler zijn:

  • Europese Onderzoeksraad (ERC): subsidies voor talentvolle en creatieve individuele onderzoekers en/of hun team om grensverleggend onderzoek te doen. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. De combinatie van verschillende domeinen is essentieel. Alle nationaliteiten komen in aanmerking, maar het onderzoek moet wel in een van de lidstaten, kandidaat-lidstaten of geassocieerde landen plaatsvinden.
  • Toekomstige en opkomende technologieën (FET): onderzoek binnen deze actie is gericht op het ontdekken van nieuwe technologieën door het combineren van verschillende onderzoeksdomeinen. De kennisbasis van de EU wordt ingezet om de EU competitiever te maken op wereldschaal én om van de EU een voorloper te maken in nieuwe, revolutionaire technieken.  
  1. FET Open: ondersteunt vroege-fase-onderzoek van een idee voor een nieuwe technologie. Er zijn geen vooraf gedefinieerde thema's. Het moedigt wetenschappers en ingenieurs uit meerdere disciplines aan om samen te werken.
  2. FET Proactive: ondersteunt nieuwe onderzoeksgemeenschappen om samen te werken aan multidisciplinair onderzoek op zoek naar nieuwe technologieën.
  3. FET flagships: visionaire, door wetenschap gedreven en grootschalige onderzoeksinitiatieven op lange termijn. Ze brengen excellente onderzoeksteams samen, over verschillende disciplinegrenzen heen, die een ambitieus stappenplan opzetten om hun onderzoeksdoel te bereiken.
  • Marie Skłodowska-Curie Actions (MSCA): de nadruk ligt op mobiliteit, carrièreontwikkeling en opleidingen van onderzoekers. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. MSCA ondersteunt verschillende mogelijkheden voor (wereldwijde) uitwisseling van onderzoekers en ondersteunend personeel in dezelfde sector of tussen verschillende sectoren. Centraal staat het uitbouwen van competenties of projecten waarbij trainingen worden aangeboden aan doctorandi voor het uitbouwen van een succesvolle carrière.
  • Onderzoeksinfrastructuur (RI): ontwikkeling, onderhoud en gebruik van pan-Europese onderzoeksinfrastructuren. Er zijn mogelijkheden voor opleidingen en uitwisseling van personeel en onderzoekers voor het gebruiken en onderhouden van de infrastructuur. Coördinatie van het gebruik van deze infrastructuren tussen de verschillende lidstaten staat hoog op de prioriteitenlijst.

Tweede pijler: Industrieel leiderschap

De drie onderdelen van deze pijler zijn:

  • Leiderschap opbouwen in ontsluitende en industriële technologieën (LEIT): nadruk op industrie, het toepassen van nieuwe technologieën voor innovatie. Er wordt ingezet op het betrekken van private partners bij het onderzoek, in het bijzonder de kmo's. Er zijn drie onderdelen:
    • Voor ICT wordt de nadruk gelegd op het omgaan met de complexe technologie en daarnaast het sneller op de markt brengen van nieuwe systemen.
    • Cruciale ontsluitende technologieën (KET’s): nanotechnologie, geavanceerde materialen, geavanceerde fabricage en verwerking, en biotechnologie. Dat zijn sleuteltechnologieën die de komende jaren in verschillende toepassingen en sectoren kunnen worden ingezet.
    • Bij ruimteonderzoek (Space) ligt de focus op innovatieve ruimtetechnologieën en operationele concepten ‘van idee tot demonstratie in de ruimte’, en op het gebruiken van ruimtedata voor wetenschappelijke, publieke of commerciële doeleinden.
  • Toegang tot risicokapitaal (Access to Risk Finance): dit onderdeel helpt de toegang tot leningen, garanties, contragaranties, en hybride, mezzanine- en aandelenfinanciering voor bedrijven en organisaties betrokken in onderzoek.  
  • Innovatie in kmo’s (SME Instrument): het verstrekken van zowel directe als indirecte financiële steun om hun innovatievermogen te vergroten. Kmo’s maken gebruik van een specifieke procedure voor het aanvragen van subsidies. Organisaties zonder winstoogmerk kunnen alleen deelnemen als onderaannemer.

Derde pijler: Maatschappelijke uitdagingen

De derde pijler focust op maatschappelijke uitdagingen en bestaat uit zeven onderdelen:

  • Gezondheid, demografische veranderingen en welzijn: de gezondheid en het welzijn gedurende het hele leven verbeteren voor iedereen en nieuwe middelen en modellen voor zorgverlening en gezondheidszorg creëren.
  • Voedselzekerheid, duurzame landbouw, maritiem onderzoek en bio-economie: voldoende voorraad garanderen en veilig voedsel produceren met respect voor het ecosysteem. Daarnaast wil men een boost geven aan producten van biologische afkomst.
  • Veilige, schone en efficiënte energie: verminderen van het energieverbruik, verminderen van de kosten voor groene energie, alternatieve brandstoffen en mobiele energiebronnen, realiseren van een uniform Europees elektriciteitsnet, nieuwe kennis en technologieën, goede besluitvorming en betrokkenheid van het publiek en de markt.
  • Intelligent, groen en geïntegreerd transport: een milieuvriendelijk, veilig en aaneensluitend transportsysteem opzetten dat efficiënt gebruikmaakt van grondstoffen; nadruk op veiliger verkeer met minder files; van de EU een wereldspeler maken op het vlak van transportindustrie; socio-economisch onderzoek en gedragsonderzoek met het oog op het maken van beleidsaanbevelingen.
  • Klimaatactie, efficiënt gebruik van energie en grondstoffen: een economie creëren die efficiënt omgaat met energie en water, die de schokken van de klimaatveranderingen opvangt en die een duurzame toegang heeft tot grondstoffen.
  • Werken aan een inclusieve, reflectieve en innovatieve maatschappij: aanpakken van sociale uitsluiting, discriminatie en diverse vormen van ongelijkheid; nieuwe innovatievormen verkennen en het versterken van de wetenschappelijke basis voor de Innovatie-Unie, de Europese onderzoeksruimte en ander EU-beleid. Horizon 2020 moedigt samenwerking met landen buiten de EU aan en er is aandacht voor herdenkingen, identiteit, tolerantie en cultureel erfgoed.
  • Veilige maatschappijen: crisisbeheer voor allerlei rampen, met speciale aandacht voor de communicatie en voor de bescherming van cruciale infrastructuur; de strijd tegen terrorisme en andere vormen van criminaliteit; beschermen van de buitengrenzen van de EU door betere controlesystemen, maar ook door acties in landen buiten de EU, zoals conflictpreventie en vredesopbouw.

Budget

  • Pijler 1: Het luik wetenschap op topniveau bedraagt 24,4 miljard euro. Het is één van de weinige programma’s waar je tot 100% financiering kan krijgen!
  • Pijler 2: Het budget voor de tweede pijler is 17 miljard euro. Cofinancieringspercentage kan tot 100 procent, voor innovatieve projecten die zich dicht bij de markt bevinden, is er een plafond van 70 procent (niet voor non-profit).
  • Pijler 3: Dit luik van het Horizon 2020 programma bedraagt 29,7 miljard euro. Cofinancieringspercentage kan tot 100 procent, voor innovatieve projecten die zich dicht bij de markt bevinden is er een plafond van 70 procent.

Begunstigden

Wie maakt kans op subsidies uit Horizon 2020?

  • Alle juridische entiteiten.

Welke landen komen in aanmerking voor subsidies uit Horizon 2020?

  • EU-lidstaten.

Ook niet-EU-landen komen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking. Kijk voor meer informatie op http://ec.europa.eu/research/participants/docs/h2020-funding-guide/cross-cutting-issues/international-cooperation_en.htm

Info & contact

Vlaams contactpunt: www.ncpflanders.be

Lees meer
Volg ons