U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

Home > Onderwijs jeugd cultuur en sport > Cultuur en media > Eu nieuws >

Gelekte documenten implementering richtlijn audiovisuele mediadiensten

08 oktober 2019 - door Veronique Vennekens

De Europese Commissie werkt aan de interpretatieve richtlijnen van de Richtlijn voor audiovisuele mediadiensten. Er zijn twee documenten gelekt die ons meer inzage geven in hoe de Commissie die omzetting ziet.

  • Volgens de richtlijn moeten video-on-demand diensten 30% Europese werken aanbieden. De Europese Commissie stelt voor om titels te tellen in plaats van het aantal uur.
  • Lidstaten mogen van de Europese Commissie diensten uit een andere lidstaat die zich richten op publiek binnen hun territorium, verplichten om financiële bijdragen te leveren voor de productie van Europese werken.
  • Sociale netwerken vallen ook onder de richtlijn als het delen van video’s door gebruikers een essentiële functie van het platform is.
Gelekte documenten implementering richtlijn audiovisuele mediadiensten

Het quotum van 30%

De Richtlijn voor Audiovisuele Mediadiensten bepaalt dat 30% van de werken die op video-on-demand diensten staat Europees moeten zijn. Daarnaast mogen lidstaten financiële bijdragen vragen aan bedrijven uit andere lidstaten die zich richten op hun markt. Die bijdragen moeten dan dienen om Europese werken te produceren.

Voor beide regels staat in de eerste ontwerprichtlijnen van de Commissie dat er een vrijstelling is voor aanbieders met kleine omzet en publiek.

De Commissie wil dat de 30% van de titels geteld wordt, in plaats van 30% van de kijktijd. Dit doen ze omdat ze willen vermijden dat er dan opzettelijk extra lange films en series worden gemaakt. Bij series is het zo dat één seizoen telt als één titel.

Het document stelt voor om het 30%-quotum niet toe te passen op micro-ondernemingen. Daarnaast zouden kmo’s ook uitgesloten worden van het moeten betalen van een bijdrage voor de ontwikkeling van audiovisuele content.

Sociale media diensten

De nieuwe richtlijn is enkel van toepassing op sociale netwerken waarvan de programma’s en video’s die ze verspreiden een essentiële functie innemen in het platform. Die diensten zijn voor verplicht om minderjarigen te beschermen van schadelijke inhoud en alle burgers te beschermen van inhoud die aanzet tot haat, geweld of terrorisme.

De Commissie definieert ‘essentiële functionaliteit’ als de commerciële relevantie van de audiovisuele inhoud op een bepaald platform, in vergelijking met een nevenactiviteit of klein deel van alle activiteiten.

Ze moedigen nationale regelgevende instanties aan om vier categorieën in het achterhoofd te houden:

  1. De relatie tussen de audiovisuele inhoud en de voornaamste economische activiteiten of activiteiten van de dienst
  2. De kwantitatieve en kwalitatieve relevantie van die inhoud die beschikbaar is op de dienst
  3. De monetisatie of omzet die verkregen wordt via audiovisuele inhoud
  4. De beschikbaarheid van instrumenten om de visibiliteit en aantrekkelijkheid van de audiovisuele inhoud te versterken

In beide teksten staat dat het werkdocumenten zijn die dienen als basis voor de discussie tussen de diensten van de Europese Commissie en het Contact Comité.

Je kan de tekst rond het 30%-quotum hier raadplegen. De tekst over de sociale media platformen kan je hier terugvinden.

Jouw VLEVA-contact voor dit thema

Maak een account aan

Volg ons