U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

De Europese blauwe kaart: een stand van zaken

05 mei 2021 - door Maarten Libeer

Het nieuwe Asiel en Migratie Pact van de Commissie heeft de onderhandelingen over de herziening van de Europese Blauwe Kaart richtlijn terug in leven geblazen.

  • De Europese Commissie heeft haar standpunt op een van de meest cruciale standpunten herzien, namelijk het behoud van parallelle nationale schema’s.
  • Daarnaast is er in het Europees Parlement een nieuwe rapporteur aan zet.
  • Dit alles maakt een doorbraak in de herziening van de blauwe kaart richtlijn mogelijk.

In deze briefing wordt kort de stand van zaken besproken, de achtergrond van de richtlijn, de standpunten van de instellingen, de huidige politieke status en de twistpunten.

De Europese blauwe kaart: een stand van zaken

Achtergrond

In 2009 stelde de Europese Unie de Blauwe Kaart richtlijn voor als een poging om hooggekwalificeerde arbeiders aan te trekken tot de Europese arbeidsmarkt. De Blauwe Kaart richtlijn regelde de voorwaarden voor toegang en verblijf van hooggekwalificeerde werknemers uit derde landen en stelde een EU-brede vergunning voor hen vast. Een persoon afkomstig uit een derde land kon een Blauwe Kaart verkrijgen wanneer deze persoon kon bewijzen dat ze hoge beroepskwalificaties bezat inclusief een erkend universitair diploma en een arbeidscontract of jobaanbieding met een salaris boven het gemiddelde van de Europese lidstaat waar de Blauwe Kaart werd aangevraagd.

Maar deze richtlijn bleek ontoereikend, er werd slechts een beperkt aantal arbeidsvergunningen voor hooggekwalificeerden uitgegeven. Het gebruik ervan werd aan banden gelegd wegens restrictieve toelatingsvoorwaarden, zoals hoge salarisdrempels, en het bestaan van parallelle nationale regelingen.

Daarom kwam de Commissie in juni 2016 met een voorstel om de blauwe kaart richtlijn te herzien. De herziening moest het proces makkelijker en aantrekkelijker maken om zo meer talenten aan te trekken die de Europese economie nodig heeft. Het commissievoorstel voorzag onder meer in:

  • Minder strenge toelatingsvoorwaarden: zoals een lagere salarisdrempel en kortere arbeidscontracten
  • Snellere procedures
  • De mogelijkheid om parallelle beroepsactiviteiten uit te oefenen
  • Meer flexibiliteit voor arbeidsmobiliteit tussen lidstaten
  • Uitbreiding van het toepassingsgebied: zoals de inclusie van niet-EU-gezinsleden en in bepaalde gevallen personen die internationale bescherming genieten
  • De afschaffing van parallelle nationale regelingen

Het dossier volgt de gewone wetgevingsprocedure. 

Standpunten van de instellingen

In het najaar van 2017 werden onderhandelingen tussen de Raad en het Parlement opgestart. Uit de trilogen bleek al snel dat het Parlement en de Raad sterk tegengestelde standpunten hadden, de twee belangrijkste twistpunten hadden betrekking tot de parallelle nationale regelingen en de erkenning van beroepskwalificaties. Maar ook de bepalingen rond lange termijnmobiliteit, de salarisdrempel en de toegang tot de arbeidsmarkt vormden problemen.

Het Parlement en de Commissie waren van mening dat nationale regelingen plaats moesten ruimen voor een Europees systeem, dit was voor vele lidstaten een stap te ver. De lidstaten vonden de nationale regelingen juist een noodzaak om zich aan te passen aan de flexibiliteit van de arbeidsmarkt.

Daarnaast wensten de Commissie en het Parlement ook de erkenning van professionele vaardigheden naast de erkenning van diploma’s. Dit lag voor de lidstaten moeilijk aangezien er geen erkenningsschema bestaan op Europees niveau. Bovendien wilden de lidstaten de Blauwe Kaart beperken tot hooggekwalificeerde personen met academische kwalificaties.

Vervolgens wilden de Commissie en het Parlement het toepassingsgebied van de Blauwe Kaart uitbreiden naar onder andere personen die internationale bescherming genieten en personen die in aanmerking komen voor internationale bescherming. Voor de lidstaten was deze uitbreiding te groot, alleen hooggekwalificeerde personen zouden in aanmerking komen voor de Blauwe Kaart.

In 2019 trachtte het Roemeense voorzitterschap van de Raad een compromis te vormen, maar dit was voor het Europees Parlement niet voldoende om de onderhandelingen verder te zetten. De gesprekken zijn sindsdien bevroren. 
 

Status in het wetgevingsproces

In september 2020 stelde de Commissie het nieuwe Asiel en Migratie Pact voor, dit plan bevat naast de herziening van Single Permit-richtlijn en de richtlijn voor langdurige ingezetenen ook de herziening van de Blauwe Kaart richtlijn. Dit omdat de Commissie van mening is dat de Europese Unie een achterstand heeft opgebouwd in de ‘race’ voor aantrekkelijke en getalenteerde profielen aan te trekken tot de Europese arbeidsmarkt. Daarnaast heeft de Unie wegens demografische veranderingen een verouderde en krimpende arbeidsbevolking waardoor knelpunten en vaardigheidstekorten dringend aangepakt moeten worden.

In de tussentijd werd in het Europees Parlement een nieuwe rapporteur aangesteld, Javier Moreno Sanchez (Spanje, S&D) volgt nu het dossier op voor de commissie Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE). 

Wegens de gewijzigde context bestaat er een basis voor een nieuwe start van de onderhandelingen over de Blauwe Kaart richtlijn. De onderhandelingen tussen het Europees Parlement en de Raad werden daarom ook onder Duits voorzitterschap hervat in het najaar van 2020. De eerste triloog vond plaats in februari 2021 onder het Portugese voorzitterschap van de Raad.

De commissie Werkgelegenheid en Sociale Zaken (EMPL) maakte haar advies voor de commissie Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken (LIBE) al openbaar.
 

Stand van zaken

De Commissie trok lessen uit de vorige onderhandelingen en stuurde haar standpunten bij, waarvan het meest opvallende is dat de Commissie de afschaffing van parallelle nationale regelingen loslaat. Ze blijft achter de redenering staan dat nationale regelingen beter geschrapt worden maar beseft ook dat dit voor veel lidstaten een moeilijk punt is. 

In ruil voor deze toegevingen vraagt de Commissie naar toegevingen op andere punten zoals een breder toepassingsgebied, snellere procedures en ruimere toelatingsvoorwaarden. 

De salarisdrempel moet volgens de Commissie lager zijn dan de huidige drempel maar zo dicht mogelijk aanleunen bij het oorspronkelijke voorstel. Daarnaast moet de Blauwe Kaart inclusiever zijn, dus ook begunstigden van internationale bescherming zouden aanspraak moeten kunnen maken op de Blauwe Kaart indien ze aan de voorwaarden voldoen. Bovendien moeten voldoende waarborgen worden ingebouwd die een concurrentie tussen de nationale schema’s en de Blauwe Kaart vermijdt. Ook zou het voor een hooggekwalificeerde migrant eenvoudig moeten zijn om van een nationale vergunning over te stappen op een Blauwe Kaart, indien hij aan alle voorwaarden voldoet.

Het Parlement kan zich vinden in de bijsturing van de Commissie indien er toegevingen worden gedaan op andere punten. Zo moet de Blauwe Kaart aantrekkelijker worden door het toepassingsgebied en de toelatingsvoorwaarden uit te breiden.

De lidstaten verwelkomen de bijsturing van de Commissie die het behoud van nationale regelingen toelaat, maar hun standpunten zijn niet veel veranderd ten opzichte van 2019. De verplichte erkenning van beroepskwalificaties, de regels inzake lange termijnmobiliteit, de salarisdrempel en het toepassingsgebied blijven moeilijk. Maar in ruil voor de toegeving van de Commissie en het Parlement zullen de lidstaten zich flexibel opstellen.

De onderhandelingen blijven moeilijk maar het ziet ernaar uit dat de Raad, Commissie en Parlement in de komende maanden tot een akkoord zullen komen. Wordt ongetwijfeld vervolgd! 

 

Maak een account aan

Volg ons