U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

Raad en Parlement komen tot akkoord over afvalpakket

22 mei 2018 - door Melanie De Caluwé

De Raad keurde op 22 mei een reeks herzieningen van richtlijnen goed over circulaire economie. Het gaat onder andere om de richtlijn voor het storten van afvalstoffen, de richtlijn over afvalstoffen, de richtlijn over autowrakken, batterijen en accu’s en de richtlijn verpakkingen en verpakkingsafval.

Raad en Parlement komen tot akkoord over afvalpakket

Richtlijn over het storten van afvalstoffen

In de compromistekst staan nieuwe doelstellingen over het storten van afval die de lidstaten moeten halen:

  1. Tegen 2035 moet de hoeveelheid gestort stedelijk afval gereduceerd worden tot 10% van al het stedelijk afval. Dat percentage is hetzelfde als in het originele voorstel van de Commissie, maar ze krijgen wel vijf jaar langer (tot 2035 in plaats van 2030) om de doelstelling te halen.

  2. Lidstaten die volgens de gemeenschappelijke vragenlijst van Eurostat en de OESO meer dan 60% van hun stedelijk afval in 2013 gestort hebben, kunnen de bovenstaande deadline voor het halen van de doelstellingen verlaten tot vijf jaar. Echter, wanneer ze hun eigen deadline verlengen, moeten ze tegen 2035 wel de hoeveelheid gestort stedelijk afval verlagen naar 25% van al het stedelijk afval.

  3. Tegen 2030 moeten lidstaten ervoor zorgen dat al het afval dat kan gerecycleerd of op een andere manier kan verwerkt worden, niet meer gestort wordt. De enige uitzondering hierop is wanneer het storten van het afval de meest milieuvriendelijke optie is.

De Richtlijn bevat ook een herzieningsclausule: de Commissie moet in 2024 de 10%-doelstelling evalueren en eventueel bijstellen.

Er werd ook een artikel toegevoegd over het berekenen van de doelstelling: daarin staat dat afval dat naar een andere lidstaat of buiten de Unie wordt verscheept om daar gestort te worden, zal meegeteld worden als gestort afval.

De volledige richtlijn kan u hier terugvinden.

Richtlijn voor verpakkingen en verpakkingsafval

De richtlijn bevat nieuwe doelstellingen rond verpakking en verpakkingsafval:

  1. Tegen 2025 moet minimum 65% van het gewicht van verpakkingsafval gerecycleerd worden

  2. Tegen 2025 moeten volgende minimumdoelstellingen per gewicht van gerecycled verpakkingsafval worden gehaald, wat betreft verpakkingen die volgende materialen bevatten:
    (1) 55% plastic;
    (2) 30% hout;
    (3) 80% ijzerhoudende metaal;
    (4) 60% van aluminium;
    (5) 75% glas;
    (6) 85% papier en karton.

  3. Tegen 2030 moet 70% van gewicht aan verpakkingsafval gerecycleerd worden.

  4. Tegen 2030 moeten volgende minimumdoelstellingen over gewicht gehaald worden in verband met het recycleren van percentages van verpakkingsafval dat volgende grondstoffen bevat:
    (1) 55% plastic;
    (2) 30% hout;
    (3) 80% ijzerhoudend metaal;
    (4) 60% aluminium;
    (5) 75% glas;
    (6) 85% papier en karton.

Deze doelstellingen zijn over het algemeen minder ambitieus dan de doelstellingen die de Commissie voorstelde.

De deadlines kunnen uitgesteld worden onder bepaalde voorwaarden:

  • de afwijking is beperkt tot maximum 15 procentpunten van één van de doelstellingen, verdeeld over twee doelstellingen

  • als gevolg van de afwijking mag het recyclingpercentage van één doelstelling niet onder 30% vallen.

  • door de afwijking mag het recyclingpercentage van glas of papier en karton niet onder 60% vallen.

Er werd ook een herzieningsclausule toegevoegd: tegen 2024 moeten alle doelstellingen van 2030 herzien en indien nodig aangepast worden. Daarbij komt dat tegen 2020 de Commissie de haalbaarheid wil verbeteren om de essentiële voorwaarden voor verpakking te versterken, met het oog op het ontwerp voor hergebruik. Daarnaast wil de Commissie ook recycling van hoge kwaliteit wil promoten.

Er werd ook een nieuwe berekeningsmethode opgelegd, waardoor lidstaten nu het gewicht van verpakkingsafval moeten berekenen per kalenderjaar.

Onder de nieuwe richtlijn is de definitie van gewicht van gerecycled verpakkingsafval de volgende: "het gewicht van verpakkingen die afval zijn geworden". Die ondergaan eerst alle nodige controles, worden gesorteerd en doorlopen andere voorbereidende procedures om afvalmateriaal dat niet later kan gerecycleerd worden te verwijderen en zo recycling van hoge kwaliteit te verzekeren. Het overgebleven afval gaat dan in het recycle-proces om te worden herwerkt tot producten, materialen of onderdelen.

De richtlijn bevat ook verplichte, uitgebreide stelsels van producentenverantwoordelijkheid. Producenten onder die onder deze stelsels vallen, zijn verantwoordelijk voor het ophalen van, sorteren van en het klaarmaken voor recyclage van gebruikte goederen. Ze zullen hiervoor een financiële bijdrage moeten leveren, gebaseerd op de kost van de behandeling voor recyclage. Lidstaten moeten ervoor zorgen dat tegen 31 december 2024 zo’n stelsels voor producentenverantwoordelijkheid op poten staan.

De volledige richtlijn kan u hier terugvinden.

Richtlijn over afvalstoffen

De richtlijn bevat nieuwe doelstellingen in verband met recyclage van afval. Lidstaten moeten:

  1. tegen 2025 55% van hun stedelijk afval klaarmaken voor hergebruik en recycleren

  2. tegen 2030 60% van hun stedelijk afval klaarmaken voor hergebruik en recycleren

  3. tegen 2035 65% van hun stedelijk afval klaarmaken voor hergebruik en recycleren

Die laatste doelstelling is dezelfde als in het voorstel van de Commissie, alleen krijgen lidstaten er vijf jaar langer voor tegenover het originele voorstel.

Lidstaten mogen hun deadline tot vijf jaar verlaten, indien ze in 2013 20% van hun stedelijk afval hebben klaargemaakt voor hergebruik of 60% van hun stedelijk afval hebben gestort volgens de gemeenschappelijke vragenlijst van Eurostat en de OESO.

Er werd ook een indicatieve doelstelling voor de halvering van voedselafvalovereengekomen: over de hele Unie moet voedselafval tegen 2025 met 30% en tegen 2030 met 50% zijn afgenomen.

Bovendien moeten lidstaten bijdragen aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelstelling van de Verenigde Naties om tegen 2030 globale voedselverspilling te verminderen met 50% per capita op vlak van verkoop en consumenten, alsook verspilling doorheen het productieproces te verminderen.

In de richtlijn staat dat de Commissie de mogelijkheid moet onderzoeken om een bindende Europese doelstelling voor vermindering van voedselafval op te zetten tegen 2030. En om een gedelegeerde handeling aan te nemen die een gemeenschappelijke methodologie en minima voor kwaliteitsvereisten voor een uniforme manier om voedselverspilling te meten opstelt.

Wat betreft zwerfvuil op zee, moeten lidstaten proberen om het produceren van zwerfvuil te stoppen als een bijdrage aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelstelling van de Verenigde Naties om alle vormen vervuiling van de oceanen tegen te gaan.

In dat kader wordt aan lidstaten gevraagd om producten die de grootste oorzaak zijn van vervuiling in vooral natuurlijke omgevingen en de zee op te lijsten en gepaste maatregelen te nemen om afval van deze producten te verminderen.

Daarbij komt dat tegen 1 januari 2025 lidstaten een aparte ophaling voor textielen en gevaarlijk huishoudelijk afval moeten organiseren. Ze moeten ook tegen 31 december 2023 verzekeren dat biologisch afval ofwel apart wordt opgehaald, ofwel ter plekke wordt gerecycleerd.

Er werden ook een reeks herzieningsclausules opgenomen in de richtlijn. Tegen 2024 moet de Commissie bekijken of het mogelijk is om doelstellingen te stellen voor:

  • het klaarmaken voor hergebruik en recyclage van bouwafval, textielafval, commercieel afval, niet-gevaarlijk industrieel afval en andere afvalstromen

  • het klaarmaken voor het hergebruik van stedelijk afval

  • de recyclage van stedelijk biologisch afval

De richtlijn bevat ook verplichte, uitgebreide stelsels van producentenverantwoordelijkheid. Producenten onder die onder deze stelsels vallen, zijn verantwoordelijk voor het ophalen, sorteren en het klaarmaken voor recyclage van gebruikte goederen. Ze zullen hiervoor een financiële bijdrage moeten leveren, gebaseerd op de kost van de behandeling voor recyclage.

In het kader hiervan, werd beslist dat wat betreft nationale stelsels die nu al bestaan, producenten moeten instaan voor 50% van de afvoerkosten. In nieuwe stelsels moeten ze instaan voor 100% van de kosten. Lidstaten kunnen ervoor kiezen om dit te verlagen naar ten minste 80% van de kosten, in dat geval moet de overige 20% betaald worden door de afvalproducenten of verdelers (bijvoorbeeld de consument).

De volledige richtlijn kan u hier terugvinden.

Richtlijn over autowrakken, batterijen en accu's, alsook afgedankte batterijen en accu's

Het akkoord dat het Parlement en de Raad zijn overeengekomen, ligt in lijn met het doel van de Commissie om de rapportageverplichtingen onder deze richtlijnen te vereenvoudigen. Het systeem waarbij lidstaten elke drie jaar implementatie-rapporten moet doorgeven wordt afgeschaft. In plaats daarvan, moeten lidstaten elk jaar elektronisch de statistische dataover de implementatie van deze richtlijnen doorgeven.

Het akkoord voorziet ook dat:

  • Lidstaten de nodige maatregelen moeten treffen om te verzekeren dat hun bevoegde autoriteiten wederzijds certificaten van vernieling erkennen en accepteren van andere lidstaten (in het kader van de richtlijn voor autowrakken).

  • Lidstaten moeten de nodige maatregelen treffen om te verzekeren dat alle autowrakken worden bewaard (zelfs tijdelijk) en behandeld in overeenstemming met de afvalhiërarchie (amendement in het kader van de richtlijn voor autowrakken).

  • Om bij te dragen aan de doelstellingen die in de richtlijn staan vermeld, kunnen lidstaten gebruik maken van economische instrumenten en andere manieren om stimulansen voor de toepassing van de afvalhiërarchie te voorzien (amendement in het kader van de richtlijn voor elektronisch afval en de richtlijn voor batterijen).  

De Commissie moet de Richtlijn voor autowrakken herzien tegen 2020.

Het akkoord geeft de Commissie de bevoegdheid om gedelegeerde handelingen aan te nemen die de richtlijn voor autowrakken en de richtlijn voor batterijen kunnen aanpassen aan technische en wetenschappelijke processen.

De volledige richtlijn kan u hier terugvinden.

Achtergrond en verdere stappen

Deze richtlijnen kaderen in het pakket voor circulaire economie, dat de Europese Commissie publiceerde in 2015.

Nu dat de Raad het pakket heeft goedgekeurd, zal de regelgeving in werking treden 20 dagen na de publicatie in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Meer informatie 

Lees het persbericht van de Europese Commissie hier.

BRON:

Raad van de Europese Unie, Europese Commissie, Europees Parlement

Maak een account aan

DOSSIER

Kringloopeconomie

Milieuraad en ENVI hebben voorstel herziening richtlijnen klaar

Lees meer
Volg ons