U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

Technological transformations, skills and globalization - future challenges for shared prosperity

Deadline

Code

TRANSFORMATIONS-18-2020

Inleiding

De gecombineerde effecten van technologische transformaties, van handel en globalisering hebben winnaars en verliezers gecreëerd in Europa en in de rest van de wereld. Europese economieën worden geconfronteerd met het naast elkaar bestaan ​​van tekorten aan vaardigheden, hoge werkloosheid, grotere ongelijkheid in inkomen en vermogen, asymmetrische arbeidsmobiliteit binnen Europa, evenals emigratie en immigratie. Deze structurele onevenwichtigheden moeten worden aangepakt, omdat de politieke bezorgdheid in de westerse wereld, en met name in de Europese Unie, met betrekking tot toekomstige uitdagingen voor gedeelde welvaart groeit, in een context van onzekere toekomst. Na de beoordeling van de impact van technologische vooruitgang, handel en globalisering op vaardigheden, werkgelegenheid, ongelijkheden in inkomen en lonen en op arbeidsmobiliteit en migratie in de EU, zijn realistische en nauwkeurige projecties voor de toekomst op de gecombineerde effecten van technologische vooruitgang en globalisering nodig om onze economieën, samenlevingen en ons beleid voor te bereiden op wat komen gaat en om capaciteiten op te bouwen om deze veranderingen te beïnvloeden.

Doelstellingen

Voorstellen moeten eerst het effect meten van technologische vooruitgang, handel en globalisering op vaardigheden, werkgelegenheid, ongelijkheden in inkomen en lonen en op arbeidsmobiliteit en migratie in de EU. Vervolgens moet worden geprojecteerd hoe de interacties tussen technologische verandering en globalisering de huidige EU- en internationale structuur van arbeidsmarkten en handel in grondstoffen en diensten in bestaande en opkomende sectoren zullen transformeren en hun impact op de inkomensverdeling en sociale ongelijkheden. Er moet in het bijzonder aandacht worden besteed aan vaardigheidsgestuurde, kapitaalgestuurde, talentgestuurde en gendergestuurde technische veranderingen en aan mogelijke trajecten voor laaggeschoold werk in de Europese en internationale context. De analyse moet rekening houden met de evolutie van de processen waardoor technologische verandering in de menselijke wereld wordt geïntegreerd. Dit omvat economische, institutionele, politieke en sociaal-culturele contexten, behoeften en obstakels. Het toekomstige volume en de kwaliteit van het werk moeten worden aangepakt met betrekking tot vaardigheden, onderwijs, ontwikkeling, migratie en mobiliteit, demografische veranderingen en de analyse van economische convergentie en divergentie binnen Europa en met de rest van de wereld. Er moet rekening worden gehouden met de uitdagingen van concurrentie, samenwerking of conflict met opkomende en ontwikkelingslanden. Zowel vraag- als aanbodzijdeproblemen, waaronder wereldwijde waardeketens, offshoring en hun verdelingseffecten, moeten in dit onderwerp worden behandeld.

Voorstellen moeten een uitgebreide reeks scenario's opleveren op basis van gegevens van nationale en internationale agentschappen, van databases over arbeidsmarkten, ongelijkheden, globalisering, productiviteit en groei, en van andere relevante officiële bronnen indien nodig (er mogen geen specifieke / ad-hoconderzoeken worden gebruikt ). De analyse moet sterk gericht zijn op het ontwarren van de processen van technologische verandering en globalisering in belangrijke sectoren van de economie om hun effecten op ongelijkheden te beoordelen, en hun implicaties voor de ontwikkeling van vaardigheden en competenties die in Europa moeten worden versterkt, om om de onzekerheid waarmee grote delen van de bevolking te maken hebben te verminderen. Bovendien moeten in voorstellen voorstellen worden gedaan voor prioritaire gebieden en inhoud voor beleid dat de voordelen van technologische verandering en globalisering gelijker en breder zou delen. Voorstellen kunnen bijvoorbeeld wegen in kaart brengen voor het aanpassen van werkende populaties en hun stromen aan trends in de internationale productie- en consumptiestructuur. Paradigmaveranderingen die nodig zijn in opleiding, vaardigheden en talentontwikkeling kunnen worden verwacht. Vanwege de specifieke uitdaging van dit onderwerp wordt de deelname van relevante partners uit derde landen, waaronder ontwikkelde, opkomende en ontwikkelingslanden, aangemoedigd. Deze deelname zou een evenwichtige discussie mogelijk maken over concurrerende standpunten die cruciaal zijn voor de impact van het project. Er moet worden voorzien in een solide verspreidingsstrategie om bevindingen onder de aandacht van beleidsmakers en in het publieke domein te brengen.

Budget

3 miljoen euro.

Info & contact

Meer informatie kan je terugvinden op de website van de Europese Commissie.

Nationaal contactpunt

NCP Flanders

manhei.to@fwo.be

Jouw VLEVA-contact voor dit thema

Maak een account aan

Horizon2020

Inleiding

Horizon 2020 is het  Europese onderzoeks- en innovatieprogramma. Het is het grootste programma van de Europese Unie. Het bestaat uit drie pijlers: Wetenschap op topniveau, industrieel leiderschap en maatschappelijke uitdagingen.

Eerste pijler: Wetenschap op topniveau

De eerste pijler is grotendeels bottom-up en bestaat uit vier onderdelen: Europese onderzoeksraad, toekomstige en opkomende technologieën, Marie Skłodowska-Curie Actions en onderzoeksinfrastructuur.

De vier onderdelen van de eerste pijler zijn:

  • Europese Onderzoeksraad (ERC): subsidies voor talentvolle en creatieve individuele onderzoekers en/of hun team om grensverleggend onderzoek te doen. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. De combinatie van verschillende domeinen is essentieel. Alle nationaliteiten komen in aanmerking, maar het onderzoek moet wel in een van de lidstaten, kandidaat-lidstaten of geassocieerde landen plaatsvinden.
  • Toekomstige en opkomende technologieën (FET): onderzoek binnen deze actie is gericht op het ontdekken van nieuwe technologieën door het combineren van verschillende onderzoeksdomeinen. De kennisbasis van de EU wordt ingezet om de EU competitiever te maken op wereldschaal én om van de EU een voorloper te maken in nieuwe, revolutionaire technieken.  
  1. FET Open: ondersteunt vroege-fase-onderzoek van een idee voor een nieuwe technologie. Er zijn geen vooraf gedefinieerde thema's. Het moedigt wetenschappers en ingenieurs uit meerdere disciplines aan om samen te werken.
  2. FET Proactive: ondersteunt nieuwe onderzoeksgemeenschappen om samen te werken aan multidisciplinair onderzoek op zoek naar nieuwe technologieën.
  3. FET flagships: visionaire, door wetenschap gedreven en grootschalige onderzoeksinitiatieven op lange termijn. Ze brengen excellente onderzoeksteams samen, over verschillende disciplinegrenzen heen, die een ambitieus stappenplan opzetten om hun onderzoeksdoel te bereiken.
  • Marie Skłodowska-Curie Actions (MSCA): de nadruk ligt op mobiliteit, carrièreontwikkeling en opleidingen van onderzoekers. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. MSCA ondersteunt verschillende mogelijkheden voor (wereldwijde) uitwisseling van onderzoekers en ondersteunend personeel in dezelfde sector of tussen verschillende sectoren. Centraal staat het uitbouwen van competenties of projecten waarbij trainingen worden aangeboden aan doctorandi voor het uitbouwen van een succesvolle carrière.
  • Onderzoeksinfrastructuur (RI): ontwikkeling, onderhoud en gebruik van pan-Europese onderzoeksinfrastructuren. Er zijn mogelijkheden voor opleidingen en uitwisseling van personeel en onderzoekers voor het gebruiken en onderhouden van de infrastructuur. Coördinatie van het gebruik van deze infrastructuren tussen de verschillende lidstaten staat hoog op de prioriteitenlijst.

Tweede pijler: Industrieel leiderschap

De drie onderdelen van deze pijler zijn:

  • Leiderschap opbouwen in ontsluitende en industriële technologieën (LEIT): nadruk op industrie, het toepassen van nieuwe technologieën voor innovatie. Er wordt ingezet op het betrekken van private partners bij het onderzoek, in het bijzonder de kmo's. Er zijn drie onderdelen:
    • Voor ICT wordt de nadruk gelegd op het omgaan met de complexe technologie en daarnaast het sneller op de markt brengen van nieuwe systemen.
    • Cruciale ontsluitende technologieën (KET’s): nanotechnologie, geavanceerde materialen, geavanceerde fabricage en verwerking, en biotechnologie. Dat zijn sleuteltechnologieën die de komende jaren in verschillende toepassingen en sectoren kunnen worden ingezet.
    • Bij ruimteonderzoek (Space) ligt de focus op innovatieve ruimtetechnologieën en operationele concepten ‘van idee tot demonstratie in de ruimte’, en op het gebruiken van ruimtedata voor wetenschappelijke, publieke of commerciële doeleinden.
  • Toegang tot risicokapitaal (Access to Risk Finance): dit onderdeel helpt de toegang tot leningen, garanties, contragaranties, en hybride, mezzanine- en aandelenfinanciering voor bedrijven en organisaties betrokken in onderzoek.  
  • Innovatie in kmo’s (SME Instrument): het verstrekken van zowel directe als indirecte financiële steun om hun innovatievermogen te vergroten. Kmo’s maken gebruik van een specifieke procedure voor het aanvragen van subsidies. Organisaties zonder winstoogmerk kunnen alleen deelnemen als onderaannemer.

Derde pijler: Maatschappelijke uitdagingen

De derde pijler focust op maatschappelijke uitdagingen en bestaat uit zeven onderdelen:

  • Gezondheid, demografische veranderingen en welzijn: de gezondheid en het welzijn gedurende het hele leven verbeteren voor iedereen en nieuwe middelen en modellen voor zorgverlening en gezondheidszorg creëren.
  • Voedselzekerheid, duurzame landbouw, maritiem onderzoek en bio-economie: voldoende voorraad garanderen en veilig voedsel produceren met respect voor het ecosysteem. Daarnaast wil men een boost geven aan producten van biologische afkomst.
  • Veilige, schone en efficiënte energie: verminderen van het energieverbruik, verminderen van de kosten voor groene energie, alternatieve brandstoffen en mobiele energiebronnen, realiseren van een uniform Europees elektriciteitsnet, nieuwe kennis en technologieën, goede besluitvorming en betrokkenheid van het publiek en de markt.
  • Intelligent, groen en geïntegreerd transport: een milieuvriendelijk, veilig en aaneensluitend transportsysteem opzetten dat efficiënt gebruikmaakt van grondstoffen; nadruk op veiliger verkeer met minder files; van de EU een wereldspeler maken op het vlak van transportindustrie; socio-economisch onderzoek en gedragsonderzoek met het oog op het maken van beleidsaanbevelingen.
  • Klimaatactie, efficiënt gebruik van energie en grondstoffen: een economie creëren die efficiënt omgaat met energie en water, die de schokken van de klimaatveranderingen opvangt en die een duurzame toegang heeft tot grondstoffen.
  • Werken aan een inclusieve, reflectieve en innovatieve maatschappij: aanpakken van sociale uitsluiting, discriminatie en diverse vormen van ongelijkheid; nieuwe innovatievormen verkennen en het versterken van de wetenschappelijke basis voor de Innovatie-Unie, de Europese onderzoeksruimte en ander EU-beleid. Horizon 2020 moedigt samenwerking met landen buiten de EU aan en er is aandacht voor herdenkingen, identiteit, tolerantie en cultureel erfgoed.
  • Veilige maatschappijen: crisisbeheer voor allerlei rampen, met speciale aandacht voor de communicatie en voor de bescherming van cruciale infrastructuur; de strijd tegen terrorisme en andere vormen van criminaliteit; beschermen van de buitengrenzen van de EU door betere controlesystemen, maar ook door acties in landen buiten de EU, zoals conflictpreventie en vredesopbouw.

Budget

  • Pijler 1: Het luik wetenschap op topniveau bedraagt 24,4 miljard euro. Het is één van de weinige programma’s waar je tot 100% financiering kan krijgen!
  • Pijler 2: Het budget voor de tweede pijler is 17 miljard euro. Cofinancieringspercentage kan tot 100 procent, voor innovatieve projecten die zich dicht bij de markt bevinden, is er een plafond van 70 procent (niet voor non-profit).
  • Pijler 3: Dit luik van het Horizon 2020 programma bedraagt 29,7 miljard euro. Cofinancieringspercentage kan tot 100 procent, voor innovatieve projecten die zich dicht bij de markt bevinden is er een plafond van 70 procent.

Begunstigden

Wie maakt kans op subsidies uit Horizon 2020?

  • Alle juridische entiteiten.

Welke landen komen in aanmerking voor subsidies uit Horizon 2020?

  • EU-lidstaten.

Ook niet-EU-landen komen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking. Kijk voor meer informatie op http://ec.europa.eu/research/participants/docs/h2020-funding-guide/cross-cutting-issues/international-cooperation_en.htm

Info & contact

Vlaams contactpunt: www.ncpflanders.be

Lees meer
Volg ons