U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

Meet the MEPs: Cindy Franssen

05 December 2019 - door Grete Hellemans

De komende vijf jaar drukken de 12 (nieuw) verkozen Vlaamse MEPs hun stempel op het Europese beleid.

Bij het begin van de legislatuur gaven we je al een korte introductie in onze blog ‘Wie zijn de nieuwe Vlaamse MEPs’. 


Nu is het tijd om hen echt te leren kennen. In deze blogreeks ‘Meet the MEPs’ leggen we hen enkele vragen voor: Wie zijn ze en wat zijn hun Europese plannen?

Vandaag: Cindy Franssen.

Placeholder

Wat is uw functie? Wat deed u voordien?

Sinds enkele maanden ben ik Europees Parlementslid voor CD&V. Momenteel ben ik interim-voorzitter van onze partij en gemeenteraadslid in mijn thuisstad Oudenaarde.

Mijn eerste werkervaring deed ik op als medewerker bij de Christelijke Mutualiteit en als parlementair medewerker van senator Sabine de Bethune. Intussen heb ik zelf al heel wat politieke ervaring, zowel lokaal als nationaal. 

Lokaal startte mijn politieke loopbaan op 24-jarige leeftijd als provincieraadslid en OCMW-voorzitter van Wortegem-Petegem. In 2006 verhuisde ik naar Oudenaarde, waar ik meteen CD&V-fractieleider werd voor de gemeenteraad. Sinds 2007 was ik lid van het Vlaams parlement in opvolging van Etienne Schouppe. Vanaf 2009 zetelde ik in de Senaat als deelstaatsenator. Met de laatste gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2018 werd ik schepen van sociale zaken. Dat bleef ik tot ik mijn eed aflegde als Europees parlementslid. Als voormalig lid van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa was Europa mij in elk geval niet vreemd

Ik was negen jaar lang algemeen ondervoorzitter van CD&V. Verder organiseerde ik het Innesto partijcongres en maakte ik deel uit van de groep van 12 die een grondige evaluatie maakte van de partij na de verkiezingen in mei laatstleden.

 

“Ik wil vooral inzetten op een Europa dat zich écht inzet voor mensen.”

 

Hoe ziet uw parlementair werk eruit?

Mijn parlementair werk situeert zich hoofdzakelijk rond drie commissies. Ik volg de commissie werkgelegenheid en sociale zaken op, de commissie milieu, volksgezondheid en voedselveiligheid én de commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid. Tevens ben ik ondervoorzitter van de delegatie van het Europees Parlement voor de betrekkingen met India en engageer ik mij voor de interfractiewerkgroepen Fighting against Poverty en MEP’s against Cancer. De focus van mijn parlementair werk ligt op sociale zaken, waardig werk, gezondheid, armoedebestrijding, een gezonde leefomgeving en gelijke kansen.

Waar wilt u op inzetten? Waar wilt u op het einde van de legislatuur uw stempel op gedrukt hebben? 

Ik wil vooral inzetten op een Europa dat zich écht inzet voor mensen. De uitrol van de Social Pillar is hierbij onontbeerlijk. Een sociaal Europa biedt mensen perspectief op zekerheid en levenskwaliteit. Daarom wil ik op een aantal dossiers stevig mijn stempel drukken. 

In de commissie werkgelegenheid en sociale zaken zorgde ik er als EVP-schaduwrapporteur al voor dat het Europees Globaliseringsfonds sneller kan aangewend worden voor werknemers die getroffen worden door de brexit. Daarnaast moet er een beter kader komen voor platformwerknemers, dat de negatieve aspecten van platformeconomie aanpakt, arbeidsomstandigheden versterkt en socialezekerheidsrechten uitbreidt. Dat was een speerpunt tijdens de hoorzitting van kandidaat-commissaris Smith. Eerlijk en waardig werk is een van mijn prioriteiten. Daarom werk ik volop mee aan de verdere uitrol van de Europese sociale pijler. Met onder meer een Europees kader voor minimumlonen en de uitrol van grensoverschrijdende inspecties tegen sociale fraude door de Europese Arbeidsautoriteit.

Als lid van de commissie voor milieu, volksgezondheid en voedselveiligheid zet ik me volledig in om het Europees masterplan tegen kanker, dat er onder leiding van de Europese Commissie zal komen, te ondersteunen. Dit plan moet de aanpak van de Unie in de strijd tegen kanker op vlak van preventie, onderzoek en innovatie mee uittekenen. Volksgezondheid is een van mijn topprioriteiten voor de komende jaren. In het verlengde van mijn werk voorheen als deelstaatsenator en Vlaams parlementslid zet ik in op het dossier van de hormoonverstoorders. Een gezonde leefomgeving is een even belangrijke voorwaarde voor een gezond leven, als een gezonde levensstijl. Daarnaast wil ik de komende legislatuur een daadkrachtig Europees beleid verwezenlijken met betrekking tot de toegankelijkheid van de gezondheidszorg en geneesmiddelen.

Verder wil ik in de commissie vrouwenrechten en gendergelijkheid vrouwelijk ondernemerschap bovenaan de agenda krijgen. In deze snel evoluerende wereld is het belangrijk dat we vrouwen meekrijgen, ook in die sectoren die momenteel erg mannelijk zijn, zoals de STEM-sectoren en de digitale sector. Vrouwen moeten alle kansen krijgen die ze verdienen.

Tenslotte zal ik me, zoals ik in het verleden deed, engageren om onder meer armoede aan te pakken en forser in te zetten op sociale veerkracht, zodat niemand achterblijft.

 

“De Europese Unie is en blijft een verbindend project. Een project van solidariteit, waarbij we als continent proberen om de handen in elkaar te slaan en samen te werken waar nodig.”

 

Welke verwachtingen werden ingevuld, welke niet? Wat heeft u verrast (bij uw intrede) in het Europees Parlement?

Het Europees Parlement is een compleet andere wereld dan wat ik voorheen gewoon was in het Vlaamse halfrond. Ik heb vooral gemerkt dat het hier ontzettend belangrijk is om een stevig netwerk uit te bouwen, zowel binnen mijn eigen fractie als daarbuiten.

Eenmaal dat netwerk uitbreidt, vlot het wel om dossiers bespreekbaar te maken. Ook met andersdenkenden. Marianne Thyssen had mij gezegd: “Cindy, jij zal je hier ontzettend kunnen uitleven”. En gelijk heeft ze. Ik ben politiek opnieuw volledig opengebloeid. Ik ben mijn partij ontzettend dankbaar voor de kans dat ik hiertoe gekregen heb. En begrijp me niet verkeerd. Ik zat graag in de provincie, ik zat graag in het Vlaams parlement en ik zat bijzonder graag in de Senaat. Maar deze nieuwe uitdaging scherpt mijn geest enorm aan.

Wat maakt Europa belangrijk voor u?

De Europese Unie is en blijft een verbindend project. Een project van solidariteit, waarbij we als continent proberen om de handen in elkaar te slaan en samen te werken waar nodig. Bepaalde uitdagingen kunnen we in de huidige context niet meer als lidstaat alleen aanpakken en moeten we dus samen doen.

Ook op economisch vlak kunnen we wereldwijd het voortouw nemen wat innovatie en slimme economie betreft, maar Europa stelt ons ook in staat om op sociaal vlak prachtig werk te leveren. Door volop in te zetten op een gezamenlijk plan tegen kanker, armoedebestrijding of betere arbeidsomstandigheden, wordt Europa heel concreet in de dagelijkse levens van mensen. Want bovenal: Europa zal sociaal zijn of het zal niet zijn.

 

“VLEVA is ontzettend belangrijk om de verschillende stemmen te bundelen, en ook kleine organisaties en ondernemingen een stem te geven.”

 

Wat kan VLEVA, het Vlaams middenveld en lokale overheden voor u doen?

Als Europees parlementslid krijg ik veel vragen vanuit het middenveld. Organisaties spreken ons aan over de knelpunten, bekommernissen en mogelijke voorstellen. VLEVA is daarbij ontzettend belangrijk om de verschillende stemmen van deze organisaties te bundelen, en ook kleine organisaties en ondernemingen een stem te geven. Zij zijn immers de experts ter zake. Ik hecht er dan ook groot belang aan om nauwe contacten met hen te onderhouden over concrete dossiers.

Zelf blijf ik ook lokaal actief. Die link en betrokkenheid met de lokale overheden is voor mij van groot belang. Zo houd ik immers de vinger aan de pols. In heel concrete dossiers zie ik hoe de Europese wetgeving een lokale impact heeft. Vaak zijn de lokale besturen de eerste aanspreekpunten voor het Europees beleid. Een goede samenwerking daarbij is cruciaal.

Follow us