U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

Home >

Jouw stem telt: Werk mee aan de toekomst van Onderwijs & Opleiding in Europa

30 September 2019 09:00 – 13:30
VLEVA, Kortenberglaan 71 1000 Brussel

Het strategisch kader voor Europese samenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding (ET 2020) is een forum waar de lidstaten goede werkwijzen kunnen uitwisselen en van elkaar kunnen leren. ET 2020 moet helpen om goede onderwijspraktijken te ontwikkelen, kennis te verzamelen en te verspreiden, en zo hervormingen van het onderwijsbeleid op nationaal en regionaal niveau te stimuleren.

Het huidige kader loopt bijna op zijn einde, maar voor de Europese Unie blijven onderwijs en opleiding meer dan ooit dé hoeksteen van een groeiende samenleving. Daarom wordt er volop gewerkt aan een nieuw strategisch kader voor Europese samenwerking voor Onderwijs en Opleiding (post-ET2020 framework).  In deze context organiseerde het Departement Onderwijs en Vorming in samenwerking met het Vlaams-Europees Verbindingsagentschap (VLEVA) en de Algemene Afvaardiging van de Vlaamse Regering bij de Europese Unie (AAVREU) een informatiesessie over het ET 2020 kader en een stakeholdersbevraging over hoe dit in de toekomst verder ingevuld zou kunnen worden. Via rondetafelgesprekken werd onder andere bevraagd hoe Vlaamse stakeholders beter betrokken kunnen worden bij de totstandkoming van dit kader en welke prioriteiten niet kunnen ontbreken in het nieuwe kader. De uitkomst van deze rondetafelgesprekken diende als input voor de onderhandelingen.

Jouw stem telt: Werk mee aan de toekomst van Onderwijs & Opleiding in Europa

Het kader kort uit de doeken

Het strategisch kader voor Europese samenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding (‘ET 2020’) werd in 2009 gelanceerd om een strategisch kader te bieden voor beleidssamenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding op Europees niveau. Het omvat gemeenschappelijke Europese doelstellingen, zoals de bevordering van een leven lang leren, mobiliteit, de verbetering van de kwaliteit en efficiëntie van onderwijs en opleiding, de bevordering van rechtvaardigheid en sociale cohesie en de bevordering van creativiteit en ondernemerschap. Wat de uitvoering betreft biedt het strategisch kader vooral instrumenten voor de uitwisseling van goede praktijken en beleidsleren. Het wordt ook ondersteund door een reeks benchmarks, die worden opgevolgd in het kader van de onderwijs- en opleidingsmonitor – zie hieronder voor een meer volledige uitleg van het ET 2020-kader.

ET 2020 ondersteunt de volgende vier gemeenschappelijke doelstellingen van de EU:

ET 2020 streeft naar het bereiken van de volgende benchmarks op Europees niveau tegen 2020:

 

Samenvatting van de dag

Eind 2020 loopt het huidige kader af, maar ook nu staat Europa voor verschillende uitdagingen – globalisering, technologische vooruitgang, uitdagingen op het gebied van duurzaamheid, politieke instabiliteit en demografische veranderingen – die allemaal grote gevolgen kunnen hebben voor de Europese samenlevingen en burgers. Deze gemeenschappelijke uitdagingen vereisen gemeenschappelijke reflectie en gecoördineerde transversale antwoorden van de lidstaten. Kwaliteitsvol onderwijs kan hier aan bijdragen. ET 2020 is zo geen eindpunt, maar een opportuniteit om de samenwerking tussen de verschillende lidstaten en de Europese Commissie nog relevanter te maken en meer invulling te geven.

Europese samenwerking in deze context is gestoeld op een open coördinatie- en communicatiemethode. Dit laat lidstaten toe voldoende autonomie over hun eigen beleid te behouden, terwijl ze toch ook eigen beleidsaccenten en prioriteiten kunnen aandragen.  Om een beleidsdiscussie over de toekomst van het strategisch kader na 2020 te vergemakkelijken, bracht de Europese Commissie in 2018 en 2019 verschillende raadplegingsprocessen op gang, waaronder een enquête in de lidstaten en belanghebbenden, de oprichting van het Europees panel van onderwijs- en opleidingsexperts en een externe evaluatie. Verschillende lidstaten zetten dit debat ook nationaal op de agenda – zo organiseerde in november van vorig jaar de permanente vertegenwoordiging van Finland bij de EU een informele workshop over dit thema, en deed Vlaanderen hetzelfde toegespitst op onderwijsinfrastructuur en innovatieve leeromgevingen in juni 2019.

Ook deze stakeholdersbevraging van 30 september 2019 staat in het teken van het verdiepen van deze discussie en moet de Europese Commissie helpen bij het definiëren van de krijtlijnen en prioriteiten van een nieuw kader. Zo zal worden besproken wat dit kader in het verleden inhield en hoe Vlaanderen bij de implementatie van het kader ET2020 werd betrokken, maar verkennen we ook hoe onze rol in de toekomst ingevuld kan worden. Via rondetafelgesprekken ontdekken we manieren om Vlaamse stakeholders beter te betrekken bij de totstandkoming van dit kader, en identificeren we welke prioriteiten hier niet kunnen ontbreken. Die uitkomst dient dan als input voor de onderhandelingen voor het post-ET 2020 kader.

Na de openingsspeeches van Jeroen Backs (afdelingshoofd Strategische beleidsondersteuning, Departement Onderwijs en Vorming), deelden collega’s van het Departement Onderwijs en Vorming die deel uitmaakten van enkele van de werkgroepen die de Europese Commissie organiseerde in het kader van ET 2020, hun ervaringen, en toonden aan hoe ET 2020 een impact heeft op Vlaamse beleidsvoorbereiding/voering, en vice versa. Stefaan Hermans, directeur bij de Europese Commissie, gaf ons vervolgens meer duiding geven bij de totstandkoming van Europees beleid aangaande dit onderwerp, en hoe de Europese Commissie zelf kijkt naar de ontwikkeling van dit nieuwe kader – wat dit proces inhoudt, en hoe de prioriteiten gesteld worden.

Verder verwelkomden we ook internationale collega’s uit Nederland, Duitsland en Kroatië die ons meer inkijk gaven in hoe zij naar dit proces kijken. Tot slot deed ook de VLOR hun advies aangaande post ET-2020, dat kort voor ons event werd gepubliceerd, uit de doeken. Hierin pleitten zij voor een verhoging van de transparantie zowel binnen de onderwijsprioriteiten als tussen onderwijsdoelen en de andere beleidsprioriteiten van de EU, het centraler plaatsen van de lerende in de onderwijsdoelen, een verdere toename van de financiering van onderwijsstelsels als een afzonderlijke doelstelling, en het uitzetten van een beleidslijn die landen toelaat te leren van elkaar inzake de vernieuwing en modernisering van onderwijsinstellingen.

Verschillende lidstaten zetten dit debat ook nationaal reeds op de agenda – en in Vlaanderen konden we dus niet achterblijven. Deze stakeholdersbevraging stond dan ook in het teken van het verdiepen van deze discussie en moet de Europese Commissie helpen bij het definiëren van de krijtlijnen en prioriteiten van een nieuw kader. Via rondetafelgesprekken ontdekten we manieren om Vlaamse stakeholders beter te betrekken bij de totstandkoming van dit kader, en identificeerden we welke prioriteiten hier niet kunnen ontbreken. Verschillende topics kwamen aan bod:

  • Een eerste tafel focuste op onderwijskwaliteit staat of valt met de mate dat sterke, gemotiveerde leraren worden aangetrokken tot het lerarenberoep. Helaas zijn er verschillende analyses, Vlaams en Europees, die erop wijzen dat de kwantitatieve en kwalitatieve aanwervingsbehoefte de komende jaren alleen zal stijgen. We moeten dus dringend meer mensen overtuigen van zo’n loopbaan, zodat we ook in de toekomst kunnen rekenen op enthousiaste en professionele leraren. Na deze discussie werd het dan ook duidelijk dat leren en leerkrachten een belangrijk topic moet blijven.
  • Snelle technologische ontwikkelingen en innovaties en een veranderende arbeidsmarkt zorgen ervoor dat we meer dan vroeger continu onze competenties moeten versterken en vernieuwen, waar we tegelijk vaststellen dat de Vlaming moeilijk te verleiden is om deel te nemen aan vorming en opleiding en het ons ontbreekt aan een levenslange leercultuur. Ook in Europa wordt er onderzocht hoe een leercontinuüm gecreëerd kan worden. Tijdens de discussie werd geopperd dat op Europees niveau veel meer aandacht moet zijn voor een meertaligheidsbeleid waarbij plaats is voor de eigenheid van de eigen taal – hoe wordt er omgegaan we om met meertaligheid? Beleid op Europees niveau met betrekking tot meertaligheid is een must. Verder werd de vraag gesteld hoe grenzen tussen leren en werken meer fluïde kan worden. In de meeste landen in de EU zijn het heel afzonderlijke processen: eerst leren, dan werken. Het absolute van eerst studeren en dan werken moet meer opgeheven worden, zo werd tijdens deze discussie gesteld: de 'learning society' moet worden uitgebreid tot een 'learning and working society'. De EU zou hiertoe meer testomgevingen kunnen opzetten waarbij verschillende landen samen werken, waaruit goede praktijken kunnen gedestilleerd worden.
  • Onze samenleving wordt ook steeds meer divers - ons onderwijs moet daarom inclusiever worden en zowel de sterke leerlingen als zij met zorgnoden voldoende uitdagen. Kwaliteitsvol onderwijs voor elke lerende in Europa is een prioriteit, niet alleen op Vlaams, maar ook op Europees niveau. Ook tijdens deze discussie kwamen verschillende topics aan bod die het belang van een inclusief onderwijs onderstrepen. Echter; de vraag wordt gesteld hoe excellent en inclusief onderwijs elkaar kunnen versterken, en of het opportuun is dat de Commissie algemene uitspraken doet voor elke lidstaat. Elke specifieke nationale (of regionale) context dient in rekening gebracht worden. Tegelijkertijd wordt ook tijdens deze discussie vermeld dat het zeer waardevol zou zijn hierover informatie te kunnen uitwisselen met andere lidstaten.
  • Kwaliteitsvol en hoogstaand onderwijs kan alleen maar gerealiseerd worden als ook de fysieke leer- en werkomgeving voor lerenden en onderwijsprofessionals beantwoordt aan de moderne vereisten van de 21ste eeuw. Hoewel er in Vlaanderen en Europa meer en meer aandacht is voor deze problematiek en in Vlaanderen en andere lidstaten meer wordt geïnvesteerd in de renovatie en nieuwbouw van schoolinfrastructuur, blijft de nood groot. Ook blijft het voor sommige Vlaamse en Europese steden en regio’s een uitdaging om te voorzien in voldoende capaciteit. Daarom is ook dit thema een prioriteit voor Vlaanderen en Europa.

Op 14 januari 2020 presenteerde de Europese Commissie haar Mededeling over het bouwen aan een sterk sociaal Europa voor rechtvaardige transities (A strong social Europe for just transitions). De Mededeling vormt de basis voor het sociaal traject dat de Commissie von der Leyen in de komende periode zal afleggen en waarmee zij verder bouwt op de elementen van de Europese Pijler van Sociale Rechten, die in november 2017 door de instellingen en leiders van de EU werd afgekondigd. Nicolas Schmit, de Commissaris belast met Werkgelegenheid en Sociale Rechten, zal aan het sociaal beleid uitvoering geven. Ook Valdis Dombrovskis, uitvoerend vicevoorzitter voor “een economie die werkt voor de mensen”, is hierbij betrokken. Onderwijs Commissaris  Mariya Gabriel zal eveneens het onderwijsluik van de agenda mee vorm geven.

Onder de tweede pijler van deze mededeling, gelijke kansen en jobs voor iedereen, kan meer informatie gevonden worden aangaande de volgende stappen voor de European Education Area en ET2020. Hierin lezen we dat de publicatie hiervan staat gepland voor het derde kwartaal (i.e. na de 2020 zomervakantie). Wel is het reeds duidelijk dat schoolinfrastructuur, teaching and teachers en levenslang leren ook hoog op de Europese agenda staan, en zal er verder ingezet worden op kwaliteitsvol onderwijs, training en vaardigheden.

 

Programma: 

8u30 - 9u                              
Registratie en koffie

9u - 9u10                                
Welkomstwoord

Jeroen Backs - Afdelingshoofd Strategische Beleidsondersteuning, Departement Onderwijs en Vorming (DOV)

9u10 - 9u50                          
Terugblik op de Vlaamse ET 2020 werkgroepen

  • Linda De Kock, Afdeling Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs, DOV
  • Jan De Craemer, Afdeling Horizontaal Beleid, DOV
  • Liesbeth Hens, Afdeling Beleid Onderwijspersoneel, DOV
  • Carl Lamote, Afdeling Secundair Onderwijs en Leerlingenbegeleiding, DOV

9u50 - 10u15                         
Post ET 2020 - Het proces uit de doeken gedaan door een insider             

Stefaan Hermans, Director Policy Strategy and Evaluation, Directorate-General for Education, Youth, Sport and Culture (DG EAC)

10u15 - 10u40                     
Gluren bij de buren: het proces in Nederland, Duitsland en Kroatië

  • Toelichting Member States Seminar post ET 2020 (16/07) door de Duitse en Kroatische vertegenwoordiging bij de EU
  • Toelichting Nederlandse non-paper ET 2020 door Liesbeth Versluis, Onderwijsattaché, Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de EU

10u40- 11u                            
Koffiepauze

11u - 11u20                            
Advies van de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR)

Jens Vermeersch, voorzitter van de commissie Internationaal Onderwijs- en Vormingsbeleid, VLOR

11u20 - 12u20                       
Conversatietafels 

Tijdens het tweede deel van dit evenement, maken we tijd voor de eigenlijke stakeholderbevraging. Dit doen we aan de hand van een aantal conversatietafels, voorgezeten en gemodereerd door ervaringsdeskundigen. De input, opmerkingen en inzichten die u tijdens deze discussies aanbrengt, zullen worden gebruikt tijdens de onderhandelingen over het toekomstige kader met de Europese Commissie. U kan hieronder aangeven aan welke tafel u graag aanschuift.

Aantrekken en behouden van voldoende sterke, professionele, gemotiveerde en inspirerende leraren.

De leraar maakt het verschil. Onderwijskwaliteit staat of valt met de mate dat er voldoende sterke, gemotiveerde en inspirerende leraren aangetrokken worden tot dit beroep. Helaas zijn er verschillende analyses die erop wijzen dat de aanwervingsbehoefte aan leraren zowel in Vlaanderen als Europa de komende jaren alleen zal stijgen. Hoe kan een Europees strategisch kader voor samenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding bijdragen aan het garanderen van een voldoende sterke kwantitatieve en kwalitatieve instroom in het lerarenberoep, één van de grootste uitdagingen voor het Vlaamse en Europese onderwijsbeleid?

Een leercultuur voor de ganse levensloopbaan realiseren.
In het Europa van vandaag veranderen technologische ontwikkelingen, demografische evoluties en een toenemende diversiteit de wijze waarop we leren, werken en samenleven. In die snel veranderende 21ste-eeuwse samenleving kunnen we alleen maar bijblijven als we continu onze competenties ontwikkelen en vernieuwen, en we ervoor zorgen dat iedereen alle kansen krijgt om zich op die manier als burger te ontwikkelen. Tijdens deze discussie onderzoeken we hoe Europese samenwerking kan helpen bij het creëren van een leercontinuüm.

Kwaliteitsvol onderwijs voor elke lerende in Europa, van basiszorg tot excelleren.
De samenleving wordt steeds diverser in al zijn aspecten. Het is de taak van het onderwijs om voor elke lerende kwaliteitsvol en hoogstaand onderwijs te realiseren, ongeacht zijn of haar sterktes of noden. Dat betekent dat we oog hebben voor zowel de lerenden de het moeilijker hebben, maar ook voor zij die gemiddeld leren en zelf toppresteren. Een ambitieuze uitdaging, die ook op Europees niveau veel aandacht verdient en krijgt. Welke accenten dient een Europees strategisch kader te leggen om hieraan te kunnen bijdragen?

Kwaliteitsvolle en duurzame schoolgebouwen voor de 21ste eeuw.
Kwaliteitsvol en hoogstaand onderwijs kan alleen maar gerealiseerd worden als ook de fysieke leer- en werkomgeving voor lerenden en onderwijsprofessionals beantwoordt aan de moderne vereisten van de 21ste eeuw. Hoewel er in Vlaanderen en Europa meer en meer aandacht is voor deze problematiek en in Vlaanderen en andere lidstaten meer wordt geïnvesteerd in de renovatie en nieuwbouw van schoolinfrastructuur, blijft de nood groot. Ook blijft het voor sommige Vlaamse en Europese steden en regio’s een uitdaging om te voorzien in voldoende capaciteit. Deze conversatietafel onderzoekt welke meerwaarde een strategische kader kan bieden bij de realisering van een modern schoolgebouwenpatrimonium.

Samen met alle onderwijspartners kwaliteitsvol onderwijs in Europa realiseren via een multi- level governance model met respect voor de verantwoordelijkheden en vrijheden van ieder niveau.

Het strategisch kader voor Europese samenwerking kan dienen als inspiratiebron, en soms als wake-up call, maar vervangt geenszins de eigen beleidsaccenten. Vlaanderen moet assertief en met vertrouwen in de eigen onderwijstraditie deze accenten in eigen beleid vorm geven. Hoe kan het kader bijdragen aan het opstellen van een ‘multilevel governance’-model, waarbij de Vlaamse overheid in interactie treed met het Europese beleidsniveau. We bekijken verder ook hoe de rol van het onderwijsmiddenveld in het kader versterkt kan worden.

Gelieve uw keuze hieronder door te geven.                                     

12u20-12u30                         
Wrap up en volgende stappen

Wouter Kerkhove, Vlaams attaché Onderwijs en Vorming, DOV, AAVR EU

12u30-13u30                        
Lunch

Graag tot dan!

Wouter Kerkhove - Departement Onderwijs en Vorming, AAVR EU

Sanne Noël - Departement Onderwijs en Vorming

Maarten Libeer - VLEVA 

Attachment(s)

Your VLEVA-contact for this theme

Create an account

Follow us