Op 8 juni 2010 hebben de Europese gezondheidsministers overeenstemming bereikt over de Richtlijn rechten van patiënten bij grensoverschrijdende zorg. Het Spaanse voorzitterschap had eind april een compromistekst voorgesteld, waarmee de ministers nu hebben ingestemd.
De doelstelling van de ontwerprichtlijn patiëntenmobiliteit is: hoewel de meeste mensen gebruikmaken van de gezondheidszorg in hun eigen land, is het soms beter als een patiënt voor een behandeling naar het buitenland gaat. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij zeer specialistische zorg in grensgebieden, waar de dichtstbijzijnde passende zorginstelling in het buitenland gevestigd is. De regels voor de vergoeding van zorg in het buitenland zijn momenteel niet altijd duidelijk. Daarom wil de EU wetgeving opstellen waarmee het duidelijker wordt hoe EU-burgers zich in een ander EU-land kunnen laten behandelen en wie verantwoordelijk is voor de kwaliteit en veiligheid van de internationale zorg. Ten slotte zal de samenwerking op diverse gebieden, zoals tussen gespecialiseerde gezondheidscentra, verbeterd worden. Zo kunnen patiënten de zorg krijgen die zij nodig hebben en kunnen de EU-landen zorgen voor toegankelijke, goede en betaalbare zorg en voor het welzijn van hun burgers.
De originele tekst van de Richtlijn werd in juli 2008 door de Europese Commissie gepubliceerd. Na een goedkeuring in eerste lezing in het Europees Parlement, bleek een snelle besluitvorming in de Raad niet mogelijk en was verder onderhandelen aangewezen.
In de nu goedgekeurde tekst is een middenweg gevonden tussen de belangen van de verschillende lidstaten en het initiële voorstel van de Europese Commissie. Een van de belangrijkste obstakels was de rechtsgrondslag. Een compromis is gevonden door de introductie van een dubbele rechtsgrondslag (naast artikel 114 VWEU dat gaat over de interne markt ook artikel 168 VWEU over volksgezondheid). Het wordt hiermee duidelijk dat de organisatie van de gezondheidszorg behoort tot de bevoegdheden van de lidstaten.
In het akkoord staan tevens afspraken over aanvullende regels voor het verlenen van ‘toestemming vooraf’ bij grensoverschrijdende zorg. Dit houdt in dat toestemming voor grensoverschrijdende zorg geweigerd kan worden indien dienstverleners niet voldoen aan de kwaliteitsnormen van de lidstaat van behandeling.
Een laatste belangrijke overeenstemming bereikten de ministers door het artikel over e-gezondheid aan te passen. Hierbij gaat het om interoperabiliteit tussen de nationale systemen op het gebied van e-gezondheid. De Europese Commissie en de lidstaten dienen nauw samen te werken op dit terrein.
Er volgt na de zomer een tweede lezing in het Europees Parlement.
Meer informatie:
http://www.consilium.europa.eu/uedocs/cms_data/docs/pressdata/en/lsa/114992.pdf (nog niet in het Nederlands beschikbaar)








